Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
- het tussenvonnis;
- de door Q-Park voorafgaand aan de comparitie ingediende stukken;
- de verslagaantekeningen van de comparitie van partijen.
1.Het geschil
- door de in de parkeergarage aanwezige camera’s is geconstateerd dat [gedaagde] bij het uitrijden uit de parkeergarage op 20 november 2016 om 05.04 uur noch met een ticket noch met een betaalpas of abonnement is uitgereden; het zogenoemde ‘treintje rijden;
- [gedaagde] is haar verschuldigd het tarief van de verloren kaart ad € 42,--, een bedrag van € 300,00 ter zake van aanvullende schadevergoeding verschuldigd en een bedrag van
- hij erkent dat hij treintje heeft gereden;
- hij was zijn kaartje kwijt, maar het was midden in de nacht en er was niemand om informatie aan te vragen;
- hij is bereid om € 340,-- te betalen, hoewel hij dat bedrag niet redelijk vindt.