Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
Uitspraak van de enkelvoudige kamer van 5 juli 2019 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
het bestuur van de raad voor rechtsbijstand, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Op 4 juni 2018 heeft eiser een toevoeging aangevraagd voor het vorderen in kort geding van een straat- en/of contactverbod voor zijn ex-partner. In het primaire besluit met kenmerk [nummer] heeft verweerder de gevraagde toevoeging - onder verwijzing naar artikel 28, eerste lid, aanhef en onder b, en artikel 32 van Pro de Wet op de Rechtsbijstand (Wrb) - geweigerd, omdat de werkzaamheden vallen onder het bereik van de toevoeging met kenmerk [nummer] . Eiser heeft hiertegen bezwaar gemaakt. Daarnaast heeft zijn gemachtigde verweerder verzocht de zaakcode P012 “Beëindiging samenwoning met nevenvorderingen” van de toevoeging met kenmerk [nummer] te wijzigen in zaakcode P050 “Boedelscheiding”, zoals verzocht op 17 mei 2018. Verweerder heeft dit mutatieverzoek op 29 augustus 2018 afgewezen. Ook hiertegen is bezwaar gemaakt.
Toevoegbeleid:(..)
In deze situatie is er sprake van een verbroken relatie tussen twee partijen. Een eerste toevoeging verstrek je met de code P012 (advies/procedure).
(..)
Bereik (geen afzonderlijke toevoeging):Werkzaamheden kunnen onder het bereik van een eerder verstrekte toevoeging vallen. Je verstrekt in dat geval geen afzonderlijke toevoeging. Het beleid is beschreven in de Werkinstructie Bereik.
(..).
3.2 Personen en familierecht: beëindiging relatie.De advieswerkzaamheden met betrekking tot de verschillende rechtsvragen die ontstaan bij het beëindigen van een relatie vallen onder het bereik van de toevoeging die wordt verstrekt voor advies en de eerste procedure. Dit kan een toevoeging voor de echtscheiding (P010) of voor de beëindiging samenwoning (P012) zijn.
3.2.5 Geschil voortvloeiend uit beëindiging relatie3.2.5.1 Straat- en of contactverbod of sociaal mediaverbod/ vaderschapsactieAdvieswerkzaamheden voor een straat- en of contactverbod of sociaal mediaverbod (O011) of een vaderschapsactie (P070) naast een beëindiging relatie vallen onder het bereik van de toevoeging voor de beëindiging van de relatie (bijvoorbeeld P10 of P012). De problematiek vloeit voort uit hetzelfde feitencomplex. Wordt een afzonderlijke procedure gevoerd, dan verstrek je hiervoor een nieuw toevoeging (zie paragraaf 1.3).
De daarop betrekking hebbende beroepsgronden kunnen daarom niet slagen.
Beslissing
mr. A.G.M. Willems, griffier. De uitspraak is in het openbaar geschied op 5 juli 2019.