Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[erfgenaam 1 eis],
1.DE ERVEN VAN [erflater] ,
[erfgenaam 1 gedaagde],
[gedaagde sub 2],
1.De procedure
- het tussenvonnis van 15 augustus 2018
- het proces-verbaal van comparitie van 8 januari 2019.
2.De verdere beoordeling van het geschil
‘Taxatie ter bepaling van de verkeerswaarde rekening houdende met toekomstige ontwikkelingen. Daarbij is uitgegaan van de Oneigeningswet en relevante jurisprudentie.’Bij de omschrijving van het perceel is vermeld:
’Het perceel heeft een matige perceelsvorm, in ogenschouw nemende dat er mogelijk woningbouw gerealiseerd zal gaan worden. Zonder de achterliggende grond zijn de bebouwingsmogelijkheden beperkt.’Voor wat betreft de waardebepalende factoren is in het taxatierapport vermeld:
‘Bij de taxatie is rekening gehouden met alle waardebepalende factoren, in het bijzonder met: - het gegeven dat omtrent de totstandkoming van het bestemmingsplan voor perceel I geen zekerheid bestaat.’Gelet op de hiervoor uit het rapport geciteerde opmerkingen wordt ervan uitgegaan dat de aankoop van de gemeente door [gedaagden] van het achterliggende perceel ter grootte van 1.747 m², niet in deze taxatie is betrokken. Dat [gedaagden] van die aankoop, die kan worden geacht mede de marktwaarde van het perceel te bepalen, bij de tussen [erflaatster] en hen gesloten koopovereenkomst zijn uitgegaan volgt uit hetgeen in die overeenkomst in artikel 15 onder Pro ‘recht op ontbinding;’ is bepaald:
‘Koper heeft het recht de onderhavige koopovereenkomst te ontbinden: (…) b. Indien koper niet vóór ultimo 2000 overeenstemming heeft bereikt met de gemeente Valkenswaard over de aankoop van een gedeelte van het perceel kadastraal bekend [kadastraal nummer] , welk gedeelte koper nodig heeft voor de realisering van zijn plannen met betrekking tot het gekochte.’Hieruit volgt ook dat de stelling van gedaagden dat de prijs die [gedaagden] voor perceel [perceelnummer] hebben betaald aan [erflaatster] , mede bepaald is door het feit dat zij met de gemeente nog niet rond waren, niet opgaat en ten onrechte die indruk bij [erflaatster] hebben gewekt.