ECLI:NL:RBOBR:2020:2049
Rechtbank Oost-Brabant
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Geschil over flexibiliteitskosten en prijswijziging bij leveringsovereenkomst gas
De zaak betreft een geschil tussen [eiseres], een producent van voedselproducten, en Eneco over de berekening van flexibiliteitskosten in een leveringsovereenkomst voor gas van 2011 tot 2017. [eiseres] stelt dat Eneco vanaf 2013 flexibiliteitskosten op basis van een oude systematiek (GOS) in rekening bracht, terwijl zij goedkoper had kunnen inkopen via de nieuwe TTF-systematiek, en vordert terugbetaling van te veel betaalde bedragen.
De rechtbank beoordeelt de contractuele bepalingen en de toepasselijke algemene voorwaarden uit 2010 en 2013, en concludeert dat de prijsafspraken over het gasvolume vaststonden, maar dat over flexibiliteitskosten geen expliciete prijsafspraken zijn gemaakt. De wetswijziging en liberalisering van de gasmarkt per 2013 maakten het mogelijk om flexibiliteit goedkoper in te kopen. De rechtbank oordeelt dat als Eneco deze mogelijkheid had, zij gehouden was dit voordeel door te berekenen aan [eiseres].
Eneco betwist dat zij goedkoper kon inkopen en voert onder meer aan dat zij aan langlopende contracten met GasTerra was gebonden. De rechtbank stelt dat Eneco een verzwaarde stelplicht heeft om dit te bewijzen, omdat zij over de meeste gegevens beschikt. De rechtbank verwijst de zaak naar de rol voor nadere onderbouwing van Eneco en reactie van [eiseres]. Tevens moet Eneco haar standpunt over het prijsverschil nader onderbouwen. De rechtbank houdt verdere beslissing aan.
Uitkomst: De zaak wordt aangehouden en verwezen voor nadere onderbouwing van Eneco over de mogelijkheid tot goedkoper inkopen en prijsverschillen.