Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.De overwegingen
2.De beslissing
4. De beslissingonder het kopje “
in de hoofdzaak” de verwijzing verbeterd moet worden gelezen als:
Rechtbank Oost-Brabant
In deze civiele zaak tussen Bruna B.V. en gedaagde heeft de kantonrechter op 4 juni 2020 geoordeeld zich absoluut onbevoegd te verklaren en de zaak verwezen naar de kamer voor handelszaken van de rechtbank Oost-Brabant. In het vonnis was echter verzuimd een roldatum op te nemen voor de verdere behandeling van de hoofdzaak.
De kantonrechter erkent deze kennelijke fout en maakt gebruik van artikel 31 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering om het vonnis ambtshalve te herstellen. De verbetering betreft het opnemen van de correcte roldatum, te weten 24 juni 2020, waarop de zaak zal worden behandeld door de kamer voor handelszaken.
Het herstelvonnis is op 18 juni 2020 gewezen en in het openbaar uitgesproken. Hiermee wordt de procedure voortgezet met een duidelijke planning, waardoor de voortgang van de zaak wordt gewaarborgd.
Uitkomst: Het vonnis van 4 juni 2020 is ambtshalve hersteld door toevoeging van de roldatum 24 juni 2020 voor verdere behandeling door de kamer voor handelszaken.