ECLI:NL:RBOBR:2020:5308
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde vrijstaande woning te Nuenen per 1 januari 2018
Eiser betwist de door de gemeente vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning te Nuenen per waardepeildatum 1 januari 2018, gesteld op €524.000. Hij voert aan dat vergelijkbare woningen een lagere waarde hebben en dat de stijging van de waarde buitensporig is. Tevens wijst hij op de ligging van zijn woning nabij een drukke verkeersader als waardedrukkende factor.
De rechtbank overweegt dat de gemeente de waarde heeft onderbouwd met een taxatierapport en verkoopcijfers van vergelijkbare woningen, waarbij rekening is gehouden met verschillen in bouwjaar, inhoud, perceeloppervlakte en ligging. De door eiser aangedragen vergelijkingsobjecten zijn volgens de rechtbank voldoende vergelijkbaar, en de ligging nabij de Europalaan rechtvaardigt geen lagere liggingsfactor.
De rechtbank concludeert dat verweerder aan zijn bewijslast heeft voldaan en dat de vastgestelde WOZ-waarde niet te hoog is. Het beroep van eiser wordt daarom ongegrond verklaard. Een proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €524.000 wordt ongegrond verklaard.