ECLI:NL:RBOBR:2020:6001
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking toestemming beveiligingsmedewerker wegens disproportioneel geweld tijdens werk
Eiser had toestemming om als beveiligingsmedewerker te werken, maar deze werd ingetrokken door de korpschef van politie vanwege disproportioneel geweld tijdens een incident op 18 juli 2019. Verweerder baseerde dit op videobeelden waaruit bleek dat eiser een persoon schoppend en slaand benaderde zonder dat dit noodzakelijk leek.
Eiser voerde aan dat het filmpje gemanipuleerd was, dat er onvoldoende onderzoek was gedaan en dat het besluit in strijd was met het gelijkheidsbeginsel en het verbod op willekeur. De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende onderzoek had gedaan, dat de videobeelden betrouwbaar waren en dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat sprake was van gelijke gevallen of dat het besluit onrechtmatig was.
De rechtbank benadrukte de beoordelingsvrijheid van verweerder bij het bepalen van betrouwbaarheid en verwees naar beleidsregels en jurisprudentie die hogere eisen stellen aan beveiligingsmedewerkers. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de intrekking van zijn toestemming als beveiligingsmedewerker wordt ongegrond verklaard.