ECLI:NL:RBOBR:2020:6082
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen weigering handhavend op te treden tegen kamerbewoning in woning Sint-Michielsgestel
Eiser verzocht het college van burgemeester en wethouders van Sint-Michielsgestel om handhavend op te treden tegen het gebruik van een woning voor kamerbewoning door arbeidsmigranten. Het college wees dit verzoek af en verklaarde het bezwaar ongegrond. Eiser stelde beroep in bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelde dat het gebruik van de woning voor kamerbewoning niet in strijd is met het bestemmingsplan “Sint-Michielsgestel West”, waarin de gronden de enkelbestemming “Wonen-1” hebben. De planregels verbieden het verhuren van kamers aan personen buiten het huishouden niet. Het voorbereidingsbesluit kamerbewoning, dat een beperking tot vier personen beoogt, heeft geen terugwerkende kracht op bestaande situaties.
Eiser voerde aan dat verweerder onzorgvuldig had gehandeld door geen controle ter plaatse uit te voeren en dat de interpretatie van de planregels onjuist was. De rechtbank stelde vast dat verweerder de feitelijke situatie aanneemt en dat een controle geen toegevoegde waarde had. De uitleg van het begrip “wonen” volgt het algemeen spraakgebruik en wordt ondersteund door jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om niet handhavend op te treden tegen kamerbewoning in de woning wordt ongegrond verklaard.