ECLI:NL:RVS:2016:3046
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van afwijzing handhavend optreden tegen kamerverhuur in strijd met bestemmingsplan
Appellant verzocht het college handhavend op te treden tegen het gebruik van woningen aan twee locaties te Breda voor kamerverhuur, omdat dit in strijd zou zijn met het geldende bestemmingsplan "Heuvel". Het college wees dit verzoek af, stellende dat het gebruik onder het overgangsrecht van het bestemmingsplan viel. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en bevestigde dat het college niet bevoegd was tot handhaving.
In hoger beroep betoogde appellant dat het bestemmingsplan "Heuvel 1999" kamerverhuur niet toestond en dat de rechtbank ten onrechte het overgangsrecht toepaste. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat het begrip "woning" in het bestemmingsplan "Heuvel 1999" niet expliciet aan artikel 5 was Pro gekoppeld, waardoor de omschrijving van woning niet leidend is voor het gebruik. Tevens is in het oude bestemmingsplan geen verbod op kamerverhuur opgenomen.
De Afdeling bevestigde dat het gebruik van de woningen voor kamerverhuur onder het overgangsrecht valt en dat het college daarom onbevoegd was tot handhaving. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.