Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 10 december 2020 in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
Relevante feiten en omstandigheden
Eiser wijst op een arrest van het Gerechtshof te ’s-Hertogenbosch (hierna: het Hof) van 26 maart 2019 [1] , waarin het Hof geoordeeld heeft dat uit de enkele erkenning van de betrokken vader dat zijn op 1 juni 2011 achttien jaar - dus volwassen - geworden zoon bij hem, de vader, op de polis heeft gestaan geen, al dan niet stilzwijgende, toestemming voor de bijschrijving kan worden afgeleid. Bovendien kan uit deze erkenning ook geen grondslag voor een betalingsverplichting aan de zijde van de vader voor de verzekeringspremies van zijn zoon worden afgeleid.