Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 21 december 2020 in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
-Sijmons.
Rechtbank Oost-Brabant
Eiser is eigenaar van een twee-onder-een-kapwoning te Meierijstad die voor de waardepeildatum 1 januari 2018 door verweerder is gewaardeerd op €272.000. Eiser betwist deze waarde en stelt een lagere waarde van €236.000 voor, onder meer vanwege de ligging nabij een sporthal en een gedateerde keuken.
Verweerder heeft de vastgestelde waarde onderbouwd met een taxatierapport van 10 maart 2020, waarin vier vergelijkingsobjecten in dezelfde wijk zijn gebruikt. De rechtbank oordeelt dat deze vergelijkingsobjecten voldoende vergelijkbaar zijn en dat verweerder rekening heeft gehouden met verschillen in inhoud en ligging.
De rechtbank acht de motivering van verweerder over de ligging nabij de sporthal en de staat van de keuken voldoende en niet waardedrukkend. Het door eiser aangevoerde vergelijkingsobject is niet bruikbaar vanwege de verkoopdatum na de waardepeildatum.
Gelet op deze overwegingen is het beroep ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde van €272.000 wordt ongegrond verklaard.