Uitspraak
1.[gedaagde 1] ,
1.De procedure
2.De feiten
3.De vordering
4.De beoordeling
rechtmatig belanghebben bij de inzage, het afschrift of het uittreksel en inzage, afschrift of uittreksel vorderen van (II)
bepaaldebescheiden die (III) een
rechtsbetrekkingbetreffen waarin hij of zijn rechtsvoorganger partij is of was. Aan al deze drie eisen is voldaan: [eiseres] heeft haar belang bij de gevraagde informatie voldoende onderbouwd, zij heeft de gevraagde informatie voldoende gespecificeerd en er geldt nog steeds een pachtovereenkomst waarbij beide partijen partij zijn. Onderdeel I van de vordering is daarom niet onrechtmatig noch ongegrond en kan worden toegewezen.