Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter van 24 januari 2023 in de zaak tussen
en [verzoeker](verzoeker), uit [woonplaats] , tezamen: verzoekers
Rechtbank Oost-Brabant
In juni 2022 werd in een woning in Den Bosch een hennepkwekerij aangetroffen. De burgemeester besloot de woning voor drie maanden te sluiten op grond van artikel 13b van de Opiumwet. Verzoekers, bewoners van de woning, vroegen om schorsing van deze sluiting totdat het bezwaar onherroepelijk is beslist.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de burgemeester bevoegd was en dat de sluiting noodzakelijk blijft ondanks het tijdsverloop sinds de ontdekking. De burgemeester had de sluiting bovendien tijdelijk uitgesteld vanwege persoonlijke omstandigheden van verzoekers, wat als een nieuw besluit in de zin van de Awb werd aangemerkt.
Hoewel verzoekers stelden dat de sluiting onevenredig en niet meer noodzakelijk was, concludeerde de voorzieningenrechter dat de ernst van de overtreding en de noodzaak om herhaling te voorkomen een sluiting rechtvaardigen. Verzoekers konden bovendien tijdelijk in maatschappelijke opvang verblijven en blijven zorg ontvangen.
De voorzieningenrechter achtte het bezwaar van verzoekers niet kansrijk en wees het verzoek om voorlopige voorziening af, waardoor de sluiting een week na de uitspraak ingaat.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de burgemeester mag de woning sluiten voor drie maanden.