De rechtbank Oost-Brabant heeft op 14 maart 2024 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak waarin eisers beroep instelden tegen een natuurvergunning verleend door het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant voor de uitbreiding van een rundveehouderij. De vergunning betrof onder meer het gebruik van het emissiearme stalsysteem A1.13 en het beweiden van vee.
De rechtbank oordeelde dat de emissiefactor voor stalsysteem A1.13, zoals toegepast door het college, onjuist is gebleken op grond van eerdere uitspraken en rapporten die wijzen op onderschatting van ammoniakemissies. Daarnaast was de aanvraag onvoldoende onderbouwd met betrekking tot de beweiding van het vee, waarbij essentiële informatie over de beweide gronden ontbrak. Hierdoor kon niet worden uitgesloten dat significante gevolgen voor nabijgelegen Natura 2000-gebieden zouden optreden.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens onvoldoende zorgvuldige voorbereiding en gaf het college de opdracht een nieuw besluit te nemen na aanvulling van de aanvraag. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van eisers, en werd de Staat veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.