ECLI:NL:RBOBR:2024:107
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanmaningskosten bij niet tijdige betaling waterschapsbelasting
Eiser betaalde een aanslag waterschapsbelasting niet op tijd, waarna de invorderingsambtenaar aanmaningskosten van €8,00 oplegde. Eiser betwistte deze kosten en stelde dat hij onterecht werd gedwongen tot een machtiging voor automatische incasso, en dat hij ongelijk werd behandeld ten opzichte van anderen die wel een machtiging geven.
De rechtbank stelde vast dat eiser de aanslag wel digitaal had ontvangen maar niet tijdig had betaald. De wet verplicht de invorderingsambtenaar niet eerst een kosteloze betalingsherinnering te sturen. Ook het eerdere betaalgedrag van eiser maakte geen verschil voor het opleggen van aanmaningskosten.
De rechtbank oordeelde dat er geen sprake is van gelijke gevallen die ongelijk worden behandeld, omdat het beleid om aanmaningskosten kwijt te schelden bij het alsnog verlenen van een machtiging een legitieme beleidskeuze is. Er is geen sprake van discriminatie of dwang.
Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard, de aanmaningskosten blijven in rekening en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak werd gedaan door rechter G. de Jong op 16 januari 2024.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanmaningskosten wordt ongegrond verklaard en de kosten blijven verschuldigd.