ECLI:NL:RBOBR:2024:2032
Rechtbank Oost-Brabant
- Beschikking
- B.C.W. Geurtsen
- Rechtspraak.nl
Arbeidsovereenkomst en nabetaling vakantietoeslag bij beëindiging managementovereenkomst
De zaak betreft de kwalificatie van de rechtsverhouding tussen verzoekster en ABC Finance B.V. De vraag was of sprake is van een arbeidsovereenkomst of een overeenkomst van opdracht. Verzoekster stelde dat zij sinds 2015 als werknemer werkzaam was, terwijl ABC dit ontkende en sprak van een zelfstandige samenwerking.
De rechtbank oordeelde dat de Management Services Agreement (MSA) van 2019 als arbeidsovereenkomst moet worden aangemerkt op grond van de inhoud en feitelijke uitvoering. Ook de tweede samenwerkingsovereenkomst uit 2017 kwalificeert als arbeidsovereenkomst, terwijl de eerste overeenkomst uit 2014 als overeenkomst van opdracht wordt gezien vanwege het ondernemingsrisico.
De arbeidsovereenkomst is op onrechtmatige wijze beëindigd per 1 februari 2024, waardoor verzoekster aanspraak heeft op een billijke vergoeding en transitievergoeding. Tevens is ABC veroordeeld tot betaling van achterstallige vakantiebijslag over de periode november 2018 tot januari 2024, inclusief wettelijke verhogingen en rente. Het tegenverzoek van ABC tot terugbetaling van onverschuldigde betalingen is afgewezen. Verzoekster moet bedrijfseigendommen van ABC teruggeven.
Uitkomst: De rechtbank kwalificeert de Management Services Agreement als arbeidsovereenkomst en veroordeelt ABC tot betaling van achterstallige vakantiebijslag, transitievergoeding, billijke vergoeding en wettelijke verhogingen.