Uitspraak
Parketnummer vordering: 05.101838.22
gevangenisstrafvoor de duur van
30 maandenmet aftrek overeenkomstig artikel 27 Wetboek Pro van Strafrecht waarvan
10 maanden voorwaardelijken een proeftijd van 3 jaren.
Rechtbank Oost-Brabant
Op 14 maart 2024 pleegden verdachte en zijn medeverdachte een ripdeal waarbij zij het slachtoffer, een vijftienjarige jongen, naar een rustige locatie in 's-Hertogenbosch lokten. De medeverdachte bedreigde het slachtoffer met een vuurwapen en schoot hem in de borst, wat leidde tot zwaar lichamelijk letsel. Verdachte was op de hoogte van het vuurwapen en was actief betrokken bij de voorbereiding en uitvoering van de ripdeal.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte medeplichtig was aan poging tot doodslag en medepleger van poging tot afpersing met zwaar lichamelijk letsel. Verdachte had een ondergeschikte rol bij de poging tot doodslag, omdat hij niet zelf schoot, maar hij was wel initiatiefnemer van het plan en reed de scooter waarmee zij vluchtten.
De rechtbank legde een gevangenisstraf op van 30 maanden, waarvan 10 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar en bijzondere voorwaarden zoals reclasseringstoezicht, behandeling en contactverbod met het slachtoffer. Daarnaast werd verdachte hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor een schadevergoeding van €22.091,20 aan het slachtoffer, bestaande uit materiële en immateriële schade.
De rechtbank nam ook de persoonlijke omstandigheden van verdachte mee, waaronder psychische problematiek en een hoog recidiverisico, wat mede aanleiding was voor de deels voorwaardelijke straf. De ernst van het delict, de impact op het slachtoffer en de maatschappelijke onrust door ripdeals werden zwaar meegewogen in de strafoplegging.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 30 maanden gevangenisstraf, waarvan 10 maanden voorwaardelijk, en hoofdelijk aansprakelijk voor schadevergoeding van €22.091,20 aan slachtoffer.