Uitspraak
RECHTBANK Oost-Brabant
1.De procedure
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie van Securimon,
- de conclusie van antwoord in reconventie van TKO,
Rechtbank Oost-Brabant
In deze civiele bodemzaak tussen TKO Diensten V.O.F. en Securimon B.V. vordert TKO betaling van openstaande facturen voor ingehuurd personeel. Securimon betwist de hoogte van de facturen en stelt een verrekenbare tegenvordering in verband met schade door een vechtpartij waarbij via TKO tewerkgestelde personen betrokken waren.
TKO verzoekt in een incident op grond van artikel 223 Rv Pro om een voorlopige voorziening tot betaling van een voorschot van € 35.391,29. De rechtbank overweegt dat een dergelijke voorziening alleen kan worden toegewezen indien de vordering voldoende vaststaat of eenvoudig kan worden vastgesteld.
De rechtbank oordeelt dat dit niet het geval is omdat Securimon een substantiële tegenvordering heeft die niet zonder meer onjuist kan worden geacht. Tevens is onvoldoende onderbouwd dat TKO een zwaarder belang heeft bij toewijzing van de voorziening. Het beroep van TKO op artikel 6:136 BW Pro om verrekening te passeren wordt eveneens niet gehonoreerd.
Daarom wijst de rechtbank de voorlopige voorziening af en veroordeelt TKO in de proceskosten van € 792,00, te vermeerderen met wettelijke rente en kosten bij niet-tijdige betaling.
Uitkomst: De rechtbank wijst de voorlopige voorziening tot betaling van het gevorderde voorschot af en veroordeelt TKO in de proceskosten.