ECLI:NL:RBOBR:2024:759
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde bedrijfsobject met vergelijkingsmethode en procesorde
Eiseres, gebruiker van een bedrijfsobject in ’s-Hertogenbosch, betwist de vastgestelde WOZ-waarde van € 1.841.000 voor het kalenderjaar 2022. De heffingsambtenaar baseerde de waardering op de vergelijkingsmethode, onderbouwd met een taxatierapport van juli 2023. Eiseres stelde een lagere waarde van € 1.372.000 voor, verwijzend naar huurprijzen en specifieke kenmerken van vergelijkingsobjecten.
De rechtbank oordeelt dat de heffingsambtenaar aannemelijk heeft gemaakt dat de vastgestelde waarde niet te hoog is. Hoewel de bedrijfsactiviteiten verschillen van die in de vergelijkingsobjecten, is voldoende rekening gehouden met deze verschillen. Een laat op de zitting ingebracht bezwaar tegen de bruikbaarheid van een vergelijkingsobject is in strijd met de goede procesorde en wordt buiten beschouwing gelaten.
De rechtbank benadrukt dat taxatietechnische correcties niet op juistheid kunnen worden beoordeeld, maar wel op begrijpelijkheid en inzichtelijkheid. De heffingsambtenaar heeft de correcties begrijpelijk toegelicht en voldoende onderbouwd. De door eiseres aangevoerde argumenten, waaronder verschillen in bestemming, huurcontractvoorwaarden en kapitalisatiefactoren, overtuigen niet. De rechtbank volgt de heffingsambtenaar in zijn waardering en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde van € 1.841.000 wordt ongegrond verklaard en de waarde blijft gehandhaafd.