Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de voorzieningenrechter van 13 augustus 2025 in de zaak tussen
[verzoekster], uit [vestigingsplaats], verzoekster
het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant, GS,
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de voorzieningenrechter
Voorschrift 5.2.1 van de omgevingsvergunning is op grond van artikel 8.1.5., vijfde lid, onder b, van het Invoeringsbesluit Omgevingsrecht als vergunningvoorschrift blijven gelden.
De voorzieningenrechter stelt voorop dat voorschrift 5.2.1 een maximale hedonische waarde voor de geuremissie uit de schoorsteen bevat. De voorzieningenrechter gaat er met partijen van uit dat toetsing aan dit voorschrift nu niet meer mogelijk is. Sinds de intrekking van de NVN Geurkwaliteit is er geen actuele gevalideerde methode meer om de onaangenaamheid van een geur te kwantificeren/verrekenen met de vastgestelde geuremissie. GS is daarom ambtshalve met een traject gestart om voorschrift 5.2.1 te wijzigen. Dat traject heeft nog niet tot wijziging van de omgevingsvergunning geleid. Op dit moment geldt voorschrift 5.2.1 dus nog steeds.
Conclusie
Beslissing
- schorst het bestreden besluit tot zes weken na bekendmaking van de beslissing op bezwaar;
- bepaalt dat GS het griffierecht van € 385,- aan verzoekster moet vergoeden;
- veroordeelt GS tot betaling van € 1.814,- aan proceskosten aan verzoekster.
mr.J.F.M. Emons, griffier.