Eiseres, een bedrijf uit de regio, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het dagelijks bestuur van de Metropoolregio Eindhoven (MRE) waarbij de subsidie voor haar project definitief werd vastgesteld op een lager bedrag dan oorspronkelijk verleend. De subsidie was toegekend onder voorwaarden en een looptijd die later werd verlengd. Na diverse rapportages en verzoeken om voorschotten, stelde verweerder de subsidie uiteindelijk vast op €10.409,-, lager dan het maximaal toegekende bedrag.
De rechtbank oordeelt dat bij een vaststellingsbesluit niet meer kan worden opgekomen tegen de voorwaarden van het verleningsbesluit, waartegen eiseres geen bezwaar heeft gemaakt. De rechtbank stelt vast dat eiseres niet heeft voldaan aan de subsidievoorwaarden en dat het lagere vastgestelde bedrag daarom terecht is. Eiseres heeft aangevoerd dat de voorwaarden vaag zijn en dat verweerder onzorgvuldig en bevooroordeeld heeft gehandeld, maar deze stellingen zijn onvoldoende onderbouwd.
De rechtbank concludeert dat het bestreden besluit niet onevenredig is en dat verweerder binnen zijn discretionaire bevoegdheid heeft gehandeld. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Eiseres krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter H.M.H. de Koning op 5 september 2025.