Eiser is eigenaar van een recreatiewoning op een bungalowpark in Waalre, die volgens het bestemmingsplan niet permanent bewoond mag worden. Het college heeft op 10 december 2024 een last onder dwangsom opgelegd om de permanente bewoning te beëindigen. Eiser betwistte dit en stelde dat hij vanwege medische omstandigheden en woningnood niet kon verhuizen, en dat het college onvoldoende bewijs had geleverd van permanente bewoning.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het college voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat eiser permanent woont, mede op basis van inschrijving in de Basisregistratie Personen en observaties. Eiser heeft onvoldoende bewijs geleverd om dit te ontkrachten. De derde-partij, eigenaar van het bungalowpark, is geen belanghebbende in deze procedure.
De voorzieningenrechter erkent de woningnood en de medische situatie van eiser, maar acht deze omstandigheden onvoldoende om handhaving onevenredig te achten. De begunstigingstermijn van zes maanden is niet onredelijk kort, en het college heeft aangegeven bereid te zijn deze te verlengen bij aantoonbare inspanningen van eiser. De dwangsom is proportioneel vastgesteld. De voorzieningenrechter verklaart het beroep ongegrond, verlengt de begunstigingstermijn tot vier weken na uitspraak en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.