Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 11 december 2025 in de zaak tussen
[eiseres] , uit [vestigingsplaats] , eiseres
[naam]uit [woonplaats] (vergunninghoudster).
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
- De adviezen uit de rapportage 23409.002 van Econsultancy ‘Vegetatievergelijking hondenuitlaatterreinen en NNB’ d.d. 2 april 2024 dienen opgevolgd te worden.
- De exploitatie van de hondenuitlaatservice op 3 percelen vindt 5 dagen per week plaats (met uitzondering van perceel B [nummer] : 4 dagen per week) met een gemiddelde tijdsduur van 2 uur per perceel per dag verdeeld over 2 tijdvakken. Het eerste tijdvak betreft in de ochtend tussen 10:00 en 12:00 uur. Het tweede tijdvak betreft in de middag tussen 12:00 en 14:00 uur.
- De uitwerpselen van honden dienen dezelfde dag en binnen hetzelfde tijdvak nog opgeruimd te worden.
- De honden dienen tijdens het uitlaten altijd te worden aangelijnd.
(de Omgevingsverordening).
1 januari 2024 ingediende aanvraag.
Conclusie en gevolgen
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit van 27 juni 2024;
- bepaalt dat het college binnen twaalf weken een nieuw besluit op de aanvraag van de derde-partij moet nemen met inachtneming van deze uitspraak;
- bepaalt dat het college het griffierecht van € 371,00 aan eiseres moet vergoeden;
- bepaalt dat het college een proceskostenvergoeding van € 2.267,50 aan eiseres moet betalen.
mr.J. Oosterveer, griffier.