Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 februari 2026 in de zaak tussen
[eiser] en [eiser], uit [Woonplaats], eisers,
het dagelijks bestuur van het Waterschap De Dommel, het dagelijks bestuur,
[belanghebbende] en [belanghebbende]([adres]) uit [Woonplaats],
[belanghebbende]([adres]) uit [Woonplaats] en
[belanghebbende] en [belanghebbende]([adres]) uit [Woonplaats],
Samenvatting
Procesverloop
- het verleggen van een oppervlaktewaterlichaam (watergang [aanduidingsnummer]),
- het dempen van twee oppervlaktewaterlichamen ([aanduidingsnummer] en [aanduidingsnummer]), en
- het aanleggen van een duiker in de nieuw te graven watergang [aanduidingsnummer].
Beoordeling door de rechtbank
- het tegengaan van verdroging van de ter plaatse gelegen zogeheten natte natuurparel, en
- het voorkomen van wateroverlast ter hoogte van de naburige percelen.