Uitspraak
RECHTBANK Oost-Brabant
1.[gedaagde 1] B.V.,
[gedaagde 2],
1.De procedure
- het vonnis in incident van 5 november 2025, met de daarin genoemde stukken,
- de conclusie van antwoord tevens houdende exceptie van onbevoegdheid ex artikel 612 Rv Pro van [gedaagde 1] ,
- de conclusie van antwoord tevens houdende een exceptie van onbevoegdheid van [gedaagde 2] ,
- de conclusie van antwoord in het incident houdende exceptie van onbevoegdheid,
- het vonnis in incident van 21 januari 2026,
- het e-mailbericht van de griffier van deze rechtbank van 19 februari 2026.
2.De beoordeling in de incidenten
3.De beslissing
1 april 2026voor beraad rolrechter omtrent het bepalen van een mondelinge behandeling.