ECLI:NL:RBOBR:2026:2001

Rechtbank Oost-Brabant

Datum uitspraak
26 maart 2026
Publicatiedatum
28 maart 2026
Zaaknummer
C/01/421996 / KG ZA 25-642
Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Kort geding
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Uitsluiting inschrijving wegens onvoldoende score kwaliteit in aanbestedingsprocedure zwembadbeheer

Optisport heeft een aanbestedingsprocedure voor het beheer en de exploitatie van het zwembad in Eersel aangevochten nadat haar inschrijving werd uitgesloten wegens het niet behalen van de minimale kwaliteitsscore van 600 punten. Zij stelde dat de beoordelingsprocedure niet conform de aanbestedingsstukken was uitgevoerd, met name dat de beoordeling van de verschillende kwaliteitscriteria niet gescheiden had plaatsgevonden en dat de motivering van de scores onvoldoende was.

De gemeente Eersel en het inkoopbureau Bizob hebben toegelicht dat de beoordeling van de eerste vier hoofdstukken van het bedrijfsplan (kwaliteitscriteria) en het vijfde hoofdstuk (financiële onderbouwing) wel degelijk gescheiden heeft plaatsgevonden, ondersteund door een gedetailleerde tijdlijn en e-mailcorrespondentie. De beoordelingscommissie heeft eerst de eerste vier hoofdstukken beoordeeld en daarna het vijfde hoofdstuk, waarbij een toelichtingsgesprek met beide inschrijvers is gehouden.

De voorzieningenrechter oordeelt dat de beoordelingsprocedure conform de aanbestedingsstukken is gevolgd en dat de motivering van de toegekende scores, inclusief de score van 2 voor het financiële hoofdstuk van Sportfondsen, niet onbegrijpelijk is. De stellingen van Optisport zijn onvoldoende onderbouwd om de uitsluiting onrechtmatig te verklaren. De vorderingen worden afgewezen en Optisport wordt veroordeeld in de proceskosten van de gemeente Eersel en Sportfondsen.

Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van Optisport af en bevestigt dat de uitsluiting wegens onvoldoende kwaliteitsscore terecht is.

Uitspraak

RECHTBANK Oost-Brabant

Civiel recht
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
Zaaknummer: C/01/421996 / KG ZA 25-642
Vonnis in kort geding van 26 maart 2026
in de zaak van
OPTISPORT EERSEL B.V.,
gevestigd te Tilburg,
eisende partij,
hierna te noemen: Optisport,
advocaten: mr. D.B. Zieren en mr. L.R.J.M. Boer
tegen
GEMEENTE EERSEL,
zetelend te Eersel,
gedaagde partij,
hierna te noemen: gemeente Eersel,
advocaten: mr. M.J. Mutsaers en mr. M.A.J. de Groot
in welke procedure heeft verzocht te mogen interveniëren
SPORTFONDSEN FEEL FIT 4 B.V.
gevestigd te Oirschot
eiseres in het incident
hierna te noemen: Sportfondsen
advocaat: mr. J.J. Jaspers te Breda.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 22 december 2025
- de akte met producties 1 t/m 11 van 29 januari 2026 van de zijde van Optisport
- de incidentele conclusie tot tussenkomst subsidiair voeging van Sportfondsen
- de op 3 maart 2026 namens gemeente Eersel ingediende producties A t/m F
- de aanvullende productie G van de gemeente
- de mondelinge behandeling die plaats heeft gevonden op 5 maart 2026
1.2.
Bij aanvang van de inhoudelijke behandeling van het geschil is de incidentele vordering van Sportfondsen om in het kort geding te mogen tussenkomen (primair) dan wel zich te mogen voegen (subsidiair) aan de orde gesteld.
Namens Optisport en de gemeente Eersel is desgevraagd aangegeven dat zij geen bezwaar hebben bij voeging dan wel tussenkomst door Sportfondsen.
In haar incidentele conclusie tot tussenkomst dan wel voeging concludeert Sportfondsen in de hoofdzaak tot het niet-ontvankelijk verklaren, althans tot afwijzing van de vorderingen van Optisport.
Met deze conclusie richt Sportfondsen zich tegen de vorderingen van Optisport en steunt zij de gemeente Eersel in haar stellingen, die immers ook strekken tot afwijzing van de vorderingen van Optisport. Gelet op deze opstelling van Sportfondsen in de procedure heeft de voorzieningenrechter de verzochte interventie gekwalificeerd als voeging, welke voeging vervolgens mondeling ter zitting is toegestaan.
1.3.
Voorts is overgegaan tot de inhoudelijke behandeling van het geschil, waarbij Optisport, de gemeente Eersel en Sportfondsen hun standpunt hebben toegelicht, mede aan de hand van door hen overgelegde pleitnotities.
1.4.
Aan het eind van de mondelinge behandeling heeft de voorzieningenrechter vonnis bepaald op een termijn van drie weken.

2.De feiten

2.1.
Namens de gemeente Eersel is op 10 juni 2025 het aanbestedingsdocument (hierna: Aanbestedingsdocument) gepubliceerd in een Europese openbare aanbestedingsprocedure voor een concessieovereenkomst ter zake het beheer en de exploitatie van het zwembad in Eersel in combinatie met een (tussen de exploitant en de gemeente Eersel te sluiten) huurovereenkomst voor dit zwembad.
De gemeente laat de aanbesteding begeleiden door de stichting Bizob, het inkoop- en aanbestedingsbureau van de gemeente.
2.2.
Hoofdstuk 3 van het Aanbestedingsdocument gaat over ‘Geschiktheid en gunningsprocedure’.
In artikel 3.1. en 3.4 van het Aanbestedingsdocument is aangegeven dat de inschrijvingen worden beoordeeld op basis van het gunningscriterium beste prijs-kwaliteitverhouding; daarbij wordt de inschrijving met de beste prijs-kwaliteitsverhouding bepaald door de scores op het onderdeel prijs en kwaliteit bij elkaar op te tellen waarbij de inschrijver met de hoogste totaalscore wint.
2.3.
Hoofdstuk 3 heeft verder – voor zover van belang – de volgende inhoud.
‘(…)
3.4.2.
Kwaliteit.
Ten behoeve van een beoordeling op het criterium kwaliteit dienen de inschrijvers een bedrijfsplan op te stellen dat is opgebouwd uit de volgende vijf hoofdstukken:
Sub
criterium
Onderwerp
Maximaal te
behalen punten
1
Algemene opzet van beheer en exploitatie accommodatie
150 punten
2
Activiteitenaanbod, lokale meerwaarde en verhogen levendigheid
200 punten
3
Samenwerking met verenigingen en andere (maat-
schappelijke organisaties)
250 punten
4
Duurzaamheid van de bedrijfsvoering
250 punten
5
Financiële onderbouwing van de ingediende begroting
150 punten
De eerste vier hoofdstukken dienen te bestaan uit elk drie paragrafen die achtereenvolgens ingaan op:
a. Welke visie heeft de inschrijver op het betreffende onderwerp?
b. Welke specifieke aanpak staat de inschrijver voor om de beoogde ambities en doelen van de opdrachtgever op het betreffende onderwerp daadwerkelijk te realiseren en te borgen
c. Welke zoveel mogelijk SMART-geformuleerde concrete resultaten beoogt de inschrijver te realiseren op het betreffende onderwerp?
Nota bene: In deze eerste vier hoofdstukken mag geen financiële informatie over de aangeboden inschrijfsom terug te vinden zijn.
Hoofdstuk 5 wordt als een separaat document aangeboden en bevat een toelichting op de meer-jaren exploitatiebegroting die is opgesteld conform het format zoals in de bijlage 8 van dit aanbestedingsdocument opgenomen (zie hiervoor ook paragraaf 3.4.1 Prijs). (…).
(…)
3.4.3.
Presentatie
Inschrijvers krijgen één maal de mogelijkheid het ingediende bedrijfsplan toe te lichten middels een presentatie aan de beoordelingscommissie. De presentatie vindt plaats voordat de interne beoordeling van inschrijver heeft plaatsgevonden.
(…)
3.4.4.
Beoordeling
De vijf kwaliteitscriteria, door inschrijvers uit te werken zoals hierboven omschreven met onderscheid tussen visie, specifieke aanpak en concrete resultaten (SMART geformuleerd) worden beoordeeld met een rapportcijfer 0 tot en met 4 waarbij:
Score
Toekenning meerwaarde / korting en uitleg
Zeer negatief. De inschrijver overtuigt de opdrachtgever niet dat dit deel van het bedrijfsplan leidt tot een marktconforme en duurzame exploitatie van het zwembad waarmee de zwemvoorziening voor haar inwoners wordt gewaarborgd. Er wordt naar oordeel van de opdrachtgever geen meerwaarde geboden ten aanzien van de minimaal te beschrijven punten en/of extra aangeboden aspecten die bijdragen aan de doelstelling.
1
Negatief.De inschrijver overtuigt de opdrachtgever maar in geringe mate dat dit deel van het bedrijfsplan leidt tot een marktconforme en duurzame exploitatie van het zwembad waarmee de zwemvoorziening voor haar inwoners wordt gewaarborgd. Er wordt naar oordeel van de opdrachtgever nauwelijks meerwaarde geboden ten aanzien van de minimaal te beschrijven punten en/of extra aangeboden aspecten die bijdragen aan de doelstelling.
2
Voldoende. De inschrijver overtuigt de opdrachtgever enigszins dat dit deel van het bedrijfsplan leidt tot een marktconforme en duurzame exploitatie van het zwembad waarmee de zwemvoorziening voor haar inwoners wordt gewaarborgd. Er wordt naar oordeel van de opdrachtgever enige meerwaarde geboden ten aanzien van de minimaal te beschrijven punten en/of extra aangeboden aspecten die bijdragen aan de doelstelling.
3
(…)
4
(…)
De manier waarop de score wordt vastgesteld is in het volgende overzicht weergegeven:
Subgunningscriteria kwaliteit
A: Beoordeling
(0-4)
B: Wegingsfactor
Max. score
(A x B)
1
Algemene opzet beheer en exploitatie accomadatie
0-4
37,5
150
2
Activiteitenaanbod, lokale meerwaarde en verhogen levendigheid
0-4
50
200
3
Samenwerking met verenigingen en andere (maatschappelijke) organisaties
0-4
62,5
250
4
Duurzaamheid van de bedrijfsvoering
0-4
62,5
250
5
Financiële onderbouwing van de ingediende begroting
0-4
37,5
150
Om voor gunning in aanmerking te komen, geldt dat de inschrijving op het criterium kwaliteit een gewogen totaalscore van minimaal 600 punten moet behalen (op een maximaal te behalen punten van 1.000). Dit betekent dat op subsubgunningscriteria een score lager dan 2 punten mag worden gescoord, mits dit op andere onderdelen wordt gecompenseerd met een hogere score.
Dit geldt niet voor subsubgunningscriterium 5, waarvoor een minimaal rapportcijfer van 2 (“voldoende”) moet worden behaald. Inschrijvingen die hier niet aan voldoen worden terzijde gelegd. Uitsluitend inschrijvingen die voldoen aan de minimale kwaliteitseisen worden op prijs beoordeeld.
De leden van de beoordelingscommissie beoordelen eerst afzonderlijk van elkaar de
inschrijvingen aan de hand van de subcriteria. Vervolgens vindt er in het collectief een beoordeling plaats teneinde op basis van consensus tot een eensluidende definitieve waardering en beoordeling van de subcriteria op score 0-4 te komen.
(…)’.
2.4.
Op 13 oktober 2025 heeft Optisport een inschrijving ingediend. Naast Optisport heeft alleen Sportfondsen een inschrijving ingediend.
2.5.
Bij brief van 18 november 2025 aan Optisport (productie 3 bij dagvaarding, hierna: de gunningsbeslissing) heeft de gemeente Eersel medegedeeld dat de gemeente besloten heeft de inschrijving van Optisport uit te sluiten van verdere deelname omdat haar inschrijving op het criterium kwaliteit niet de voorgeschreven minimale score van 600 punten heeft behaald. Met de uitsluiting van de inschrijving komt deze niet voor gunning in aanmerking.
De gemeente Eersel heeft verder medegedeeld dat zij het voornemen heeft om de overeenkomst aan Sportfondsen te gunnen aangezien deze inschrijver wel de minimale score op het criterium kwaliteit behaald heeft.
Optisport heeft ten aanzien van het kwaliteitscriterium de volgende scores behaald:
- Hoofdstuk 1: 75 punten
- Hoofdstuk 2: 100 punten
- Hoofdstuk 3: 62,5 punten
- Hoofdstuk 4: 187,5 punten
- Hoofdstuk 5: 75 punten
Totaal: 500 punten
In bijlage 2b bij de gunningsbeslissing heeft de gemeente Eersel een toelichting gegeven op de aan Optisport toegekende scores met betrekking tot de verschillende gunningscriteria.
2.6.
Op 27 november 2025 heeft Optisport een bericht op het digitale platform geplaatst (productie 5 bij dagvaarding) waarin zij aan de gemeente Eersel verzoekt de gunningsbeslissing nader toe te lichten en – kort samengevat – een toelichting heeft gevraagd op:
- de beoordeling van de inschrijving van Optisport;
- de kenmerken en relatieve voordelen van de inschrijving van Sportfondsen;
- de vraag of de beoordeling van de hoofstukken 1 t/m 4 en de beoordeling van hoofdstuk 5 afzonderlijk van elkaar zijn gedaan.
2.7.
Bij bericht van 2 december 2025 (productie 6 bij dagvaarding) heeft Bizob namens de gemeente Eersel een uitwerking van de beoordeling ten aanzien van de verschillende gunningscriteria van de inschrijving van Sportfondsen doen toekomen.
Verder bevestigt Bizob in het bericht dat de beoordeling van de inschrijving heeft plaatsgevonden zoals in het aanbestedingsdocument is beschreven. De splitsing zoals die in het aanbestedingsdocument is gemaakt, tussen hoofdstuk 1 tot en met 4, waarin geen informatie over de aangeboden inschrijfsom terug te vinden mocht zijn en hoofdstuk 5 van het bedrijfsplan, is ook bij de beoordeling van de inschrijvingen strikt gehanteerd.
2.8.
In reactie op bovenstaand bericht heeft Optisport via het digitale platform op 8 december 2026 een bericht aan Bizob verstuurd met – voor zover van belang – de volgende inhoud:
‘(…)
2. Op basis van de scores op de 1e vier gunningscriteria was al duidelijk dat Optisport niet het vereiste aantal punten van 600 zou behalen en uitgesloten moest worden: kunt u aangeven waarom wij überhaupt zijn uitgenodigd om een toelichting te geven op gunningcriterium 5?
3. U geeft in uw reactie het volgende aan: "Tenslotte bevestigen wij u dat de beoordeling van uw inschrijving heeft plaatsgevonden zoals in het aanbestedingsdocument is beschreven. Hierbij willen wij u erop wijzen dat er een splitsing is gemaakt tussen hoofdstuk 1 tot en met 4 waarin geen informatie over de aangeboden inschrijfsom terug te vinden mocht zijn en hoofdstuk 5 van uw bedrijfsplan. Deze splitsing is ook bij de beoordeling van de inschrijvingen strikt gehanteerd.” Wij hebben u gevraagd om aan te tonen dat deze procedure correct is verlopen. Met slechts uw bevestiging geeft u dat niet aantoonbaar aan. Wij verzoeken u dat alsnog te doen, mede gezien vraag 2.
3. Naast een minimaal puntenaantal van 600 op kwaliteit heeft u als eis gesteld dat een minimaal rapportcijfer 2 op gunningscriterium 5 moest worden behaald. In de beoordeling van het plan van de andere inschrijver lezen wij dat hun plan:
 significante inconsistenties vertoont tussen financiële onderbouwing en exploitatiebegroting;
 niet-realistische investeringsparameters hanteert (o.a. afschrijving horecameubilair);
 kritieke elementen financieel niet onderbouwt (Ocuma-systeem, bezoekersbijdrage sauna):
 cijfers hanteert die niet overeenkomen met het bedrijfsplan (bezoekcijfers Lunet);
 een ontoereikende en niet-concrete flexibiliteitsparagraaf heeft:
 zelfs na mondelinge toelichting niet volledig overtuigt.
Deze beoordeling sluit duidelijker aan bij score 1 dan bij score 2 en zou dus moeten leiden tot uitsluiting. Kunt u nader toelichten waarom dit niet is gebeurd?
(…)’
2.9.
Bij bericht van 11 december 2025 heeft Bizob – voor zover van belang – als volgt gereageerd:
‘(…)
Uw tweede vraag betreft de uitnodiging aan u voor een toelichting op gunningscriterium 5. De aanbestedende dienst heeft beide inschrijvers een gelijke behandeling willen geven en dus ook beiden de kans willen geven haar onderbouwing van de ingediende begroting toe te lichten. Op die manier heeft zij beide partijen ook een complete beoordeling op kwaliteit kunnen verstrekken om recht te doen aan uw inspanningen.
(…)
Tenslotte gaat u in op de beoordeling en score van Sportfondsen waarbij u op basis van enkele elementen die u als negatief interpreteert van mening bent dat deze zouden moeten leiden tot een lagere score. U laat hierbij andere elementen die benoemd zijn in de beoordeling van deze inschrijver achterwege. De aanbestedende dienst wil ook op dit onderdeel benadrukken dat de integrale beoordeling van een criterium leidt tot een score die door het beoordelingsteam in consensus is vastgesteld. Op basis van de gehele ingediende onderbouwing is het beoordelingsteam enigszins overtuigd geraakt wat leidt tot de verstrekte score. (…)
(…)’
2.10.
Bij brief van 15 december 2025 (productie 10 bij dagvaarding) aan Bizob heeft mr. Zieren namens Optisport gereageerd op het bericht van 11 december 2025. De inhoud luidt – voor zover van belang – als volgt:
‘(…)
Met dit punt gaat de gemeente voorbij aan het volgende: indien de gemeente inderdaad een splitsing heeft gemaakt tussen hoofdstuk 1 tot en met 4 waarin geen informatie over de aangeboden inschrijfsom terug te vinden mocht zijn en hoofdstuk 5 (meerjarenbegroting), waarom is Optisport dan uitgenodigd om een toelichting te geven op hoofdstuk 5. Op dat moment had voor de gemeente namelijk al duidelijk moeten zijn dat Optisport niet meer de voor hoofdstuk 1 t/m 5 vereiste minimale score van 600 punten zou kunnen behalen. Het snijdt op dat moment geen hout om Optisport nog een kans te geven haar onderbouwing van hoofdstuk 5 toe te laten lichten.
Hierdoor blijft op zijn minst de schijn bestaan dat de gemeente is afgeweken van haar eigen procedure. In plaats van eerst de beoordeling van hoofdstuk 1 t/m 4 af te ronden, lijkt de gemeente te zijn doorgegaan met de beoordeling van hoofdstuk 5. Waarom zou Optisport anders zijn uitgenodigd? Hierdoor kan niet worden uitgesloten dat bij de beoordeling van de hoofdstukken 1 t/m 4 ook de inhoud van hoofdstuk 5 heeft meegewogen. En dit was uitdrukkelijk niet de bedoeling van de gemeente.
Het is dan ook niet de vraag welke bewijsmiddelen Optisport verwacht die kunnen aan-
tonen dat de Aanbesteding correct is verlopen, maar de vraag of de gemeente kan aantonen dat bij de beoordeling van de hoofdstukken 1 t/m 4 niet ook de inhoud van hoofdstuk 5 heeft meegewogen. Kan de gemeente dit niet aantonen, dan kan niet worden uitgesloten dat de gemeente is afgeweken van de door haar vooraf aangekondigde volgorde van beoordeling. In dat geval zullen de inschrijvingen opnieuw beoordeeld dienen te worden door een nieuw samen te stellen beoordelingscommissie.
(…)’
2.11.
Bij brief van 17 december 2025 (productie 11 bij dagvaarding) heeft Bizob namens de gemeente Eersel – voor zover van belang – als volgt gereageerd:
‘(…)
Voordat ik aan de inhoud toekom wil ik u de tijdslijn schetsen inzake de beoordeling van de
ontvangen inschrijvingen:
• Op 13 oktober 2025 om 13.00 uur is in het aanbestedingsplatform de kluis gesloten die het mogelijk maakte inschrijvingen in te dienen. Vervolgens is deze kluis door mij geopend en heb ik de hoofdstukken 1 tot en met 4 van beide inschrijvers naar de beoordelingscommissie verstuurd, zie hiervoor bijlage 1 bij deze brief ‘mail Exploitatie zwembad Eersel – kluis inschrijvingen geopend’.
• Op 16 oktober 2025 hebben in de ochtend de presentaties door beide inschrijvers
plaatsgevonden. Aansluitend zijn op die dag de hoofdstukken 1 tot en met 4 in consensus beoordeeld en voorzien van een score. Nadat die scores waren vastgesteld is door mij hoofdstuk 5 van de beide bedrijfsplannen verstuurd naar de leden van de beoordelingscommissie. Zie hiervoor bijlage 2 bij deze brief ‘mail onderbouwing bedrijfsplan’.
• Op 20 oktober 2025 is vervolgens de beoordelingscommissie bijeengekomen met het doel beide hoofdstukken 5 in consensus te beoordelen en te voorzien van een score. Toen bleek dat hiervoor een verduidelijking van de inschrijvers gewenst was op deze stukken is een verduidelijkingsgesprek ingepland met beide inschrijvers.
• Ondertussen is gestart met de uitwerking van de beoordeling van de hoofdstukken 1 tot en met 4 van beide bedrijfsplannen. Op 22 oktober 2025 is een eerste opzet hiervan gedeeld met de beoordelingscommissie met het verzoek hierop te reageren. Zie hiervoor bijlage 3 ‘mail Uitwerking beoordeling en verificatiegesprek inplannen’.
• Uiteindelijk is het verduidelijkingsgesprek in overleg met beide inschrijvers ingepland op 28 oktober 2025. Na afloop van dit gesprek heeft de beoordelingscommissie dezelfde dag in consensus hoofdstuk 5 van beide inschrijvers beoordeeld en voorzien van een score. Pas op dat moment kon worden vastgesteld of door beide inschrijvers aan alle minimale kwaliteitseisen werd voldaan om op prijs te worden beoordeeld en voor gunning in aanmerking te komen. Hierop kom ik later in dit schrijven terug.
(…)
(…). Er is echter geen procedurele scheiding aangebracht tussen de beoordeling
van de hoofdstukken 1 tot en met 4 en hoofdstuk 5 van het ingediende bedrijfsplan. Nergens is bepaald dat hoofdstuk 5 pas wordt beoordeeld nadat de beoordeling van hoofdstukken 1 tot en met 4 volledig is afgerond. (…).
Desondanks gaat de aanbestedende dienst ervan uit dat met de toegevoegde bijlage 1 tot en met 3 betreffende e-mail verkeer over het toesturen van stukken aan de individuele leden van de beoordelingscommissie voldoende is aangetoond dat de inhoud van hoofdstuk 5 niet is meegewogen in de beoordeling van de hoofdstukken 1 tot en met 4 om uw zorgen hierover weg te nemen.
(…)’.

3.Het geschil

In de hoofdzaak:
3.1.
Optisport vordert - samengevat - :
Primair:
1. Gemeente Eersel te verbieden om uitvoering te geven aan het voornemen de opdracht te gunnen aan Sportfondsen, althans de Gemeente Eersel te verbieden op basis van dat gunningsvoornemen (definitief) met Sportfondsen een overeenkomst te sluiten; en,
2. Gemeente Eersel, voor zover zij nog tot gunning van de opdracht wenst over te gaan, te gebieden de inschrijvingen met inachtneming van dit vonnis opnieuw te beoordelen door een andere beoordelingscommissie;
Subsidiair:
1. Gemeente Eersel te verbieden om uitvoering te geven aan het voornemen de opdracht te gunnen aan Sportfondsen, althans de Gemeente Eersel te verbieden op basis van dat gunningsvoornemen (definitief) met Sportfondsen een overeenkomst te sluiten; en,
2. Gemeente Eersel te gebieden onderhavige aanbestedingsprocedure te staken en gestaakt te houden en, voor zover Gemeente Eersel de Opdracht nog altijd wenst te gunnen, binnen zes weken na datum van dit vonnis, althans binnen een in goede justitie te bepalen termijn, een heraanbesteding te organiseren;
Primair en Subsidiair:
Gemeente Eersel te veroordelen in de proceskosten.
3.2.
Optisport legt aan de vorderingen – zakelijk weergegeven – het volgende ten grondslag. De aanbesteding is in strijd met het gelijkheids- en transparantiebeginsel omdat de gemeente Eersel is afgeweken van de vooraf in het Aanbestedingsdocument aangekondigde beoordelingsmethodiek.
Uit de door de gemeente in haar brief van 17 december 2025 geschetste tijdlijn volgt dat zij hoofdstuk 5 van de inschrijving heeft beoordeeld voordat de beoordeling van hoofdstuk 1 t/m 4 volledig was afgrond. Dit volgt tevens uit het feit dat Optisport is uitgenodigd voor het gesprek op 28 oktober 2025 om een toelichting te geven op de inschrijving op hoofdstuk 5. Indien de beoordeling van hoofdstuk 1 tot en met 4 op dat moment al was afgerond was immers al duidelijk geweest dat Optisport voor die hoofdstukken onvoldoende punten had gescoord zodat haar inschrijving uitgesloten had moeten worden, en een toelichtingsgesprek was dan niet meer nodig geweest.
Gelet op het groot aantal kritische kanttekeningen dat het beoordelingsteam bij de beoordeling van hoofdstuk 5 van Sportfondsen heeft geplaatst is niet begrijpelijk dat Sportfondsen desondanks twee punten gescoord heeft.
De beoordeling van hoofdstuk 3 van de inschrijving van Optisport kan niet worden gedragen door de bijbehorende motivering en het verschil in scores tussen Optisport en Sportfondsen voor hoofdstuk 2 en 4 is gelet op de daarbij gegeven motivering niet te verklaren.
3.3.
Gemeente Eersel voert verweer en concludeert tot niet-ontvankelijkheid van Optisport, dan wel tot afwijzing van de vorderingen van Optisport, alles met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van Optisport in de kosten van deze procedure.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
In de gevoegde zaak:
3.5.
Sportfondsen heeft geconcludeerd tot afwijzing van de vorderingen van Optisport met veroordeling van Optisport in de kosten van deze procedure.
3.6.
Sportfondsen heeft – zakelijk weergegeven – aangevoerd dat er, blijkens de door de gemeente Eersel weergegeven tijdlijn, een duidelijke scheiding is geweest tussen de inhoudelijke beoordeling van de hoofdstukken 1 tot en met 4 en van hoofdstuk 5, zoals ook is voorgeschreven in het Aanbestedingsdocument.
Nergens blijkt uit dat het gesprek van 28 oktober 2025, dat ging over de financiële onderbouwing van hoofdstuk 5, van invloed is geweest op de beoordeling van de eerste vier hoofdstukken.
De score 2 bij hoofdstuk 5 is voor zowel Sportfondsen als Optisport begrijpelijk en komt overeen met de door de beoordelingscommissie gegeven motivatie.

4.De beoordeling

4.1.
Het gaat hier om een in kort geding gevorderde voorlopige voorziening. Voor toewijzing is nodig dat Optisport daarbij een spoedeisend belang heeft. Het spoedeisend belang volgt uit de aard van het gevorderde.
4.2.
De vraag die in deze kort gedingprocedure centraal staat, is of de inschrijving van Optisport terecht is uitgesloten omdat Optisport niet het minimum vereiste aantal punten op het gunningscriterium kwaliteit heeft behaald.
Optisport stelt dat dit niet het geval is en voert hiertoe twee redenen aan, waarop de voorzieningenrechter hierna zal in gaan.
Beoordelingsprocedure van de gunningscriteria
4.3.
In het Aanbestedingsdocument is voorgeschreven dat de hoofdstukken 1 tot en met 4 geen financiële informatie mogen bevatten, en dat hoofdstuk 5 (de financiële onderbouwing van de ingediende begroting) separaat moet worden aangeleverd. Hieruit volgt (en daar gaan beide partijen kennelijk - en naar het oordeel van de voorzieningenrechter ook terecht - van uit) dat het de bedoeling is dat de beoordeling van de inschrijvingen met betrekking tot de gunningscriteria (hoofdstukken) 1 t/m 4 gescheiden plaats vindt van de beoordeling van de inschrijvingen met betrekking tot gunningscriterium (hoofdstuk) 5.
Het Aanbestedingsdocument bevat geen (verder gedetailleerde) beschrijving van de wijze waarop die separate beoordeling dient plaats te vinden.
4.4.
Het betoog van Optisport dat, in strijd met het Aanbestedingsdocument, geen gescheiden beoordeling heeft plaatsgevonden van enerzijds de hoofdstukken 1 t/m 4 van het door de inschrijvers ingediende bedrijfsplan, en anderzijds hoofdstuk 5 van dat bedrijfsplan, heeft de gemeente Eersel bestreden, mede onder verwijzing naar de door Bizob weergegeven en door Optisport niet weersproken tijdlijn (productie 11 van Optisport en bovenstaand in overweging 2.12 geciteerd).
De gemeente Eersel heeft gesteld dat op 13 oktober 2026, na het sluiten van de kluis voor het indienen van de inschrijvingen, Optisport en Sportfondsen door de gemeente zijn uitgenodigd voor de presentatie van hun bedrijfsplan op 16 oktober 2026, en dat Bizob daaraan voorafgaand (enkel) de hoofdstukken 1 t/m 4 van de bedrijfsplannen van beide inschrijvers – en niet hoofdstuk 5 – aan de leden van de beoordelingscommissie heeft gemaild.
Deze stelling vindt steun in de tijdlijn en in het door de gemeente Eersel als productie C overgelegde e-mailbericht van 13 oktober 2025 van Bizob aan de beoordelingscommissie waarin staat – voor zover van belang –:
‘(…)
Tenslotte de voor komende donderdag door te nemen stukken, hoofdstuk 1 t/m 4 van het bedrijfsplan van Optisport en Sportfondsen. Hoofdstuk 5 bevat de informatie over de inschrijfprijs en die kan ik pas vrijgeven nadat we de scores voor de andere 4 hoofdstukken hebben vastgesteld. (…)
(…)’
4.5.
De gemeente stelt verder dat in de ochtend van 16 oktober 2025, aansluitend aan de door de inschrijvers gehouden presentaties, de consensusscores voor de hoofdstukken 1 t/m 4 van de bedrijfsplannen zijn vastgesteld door de beoordelingscommissie en dat de bijbehorende motiveringen zijn besproken.
De gemeente verwijst ter onderbouwing naar de door haar overgelegde (aanvullende) productie G, welke productie het werkdocument van de concerninkoper en contactpersoon van Bizob, dhr. [A] ( [A] ), bevat. [A] was aanwezig bij de mondelinge behandeling in deze kort gedingprocedure en heeft verklaard dat hij dit werkdocument heeft gebruikt bij de (latere) uitwerking van de motivering van de beoordelingscommissie bij de consensusscores, maar dat deze scores op het moment van de uitwerking al vast lagen. Die latere uitwerking betreft een verbalisering van de resultaten van het overleg van de beoordelingscommissie en de in dat overleg vastgestelde (consensus)scores. Dat blijkt ook uit de tekst van het door de gemeente als productie E overgelegde e-mailbericht van 22 oktober 2026 (verzonden onder de kop “uitwerking beoordeling exploitatie zwembad Eersel”), waarmee die uitwerking ter beoordeling aan de leden van de beoordelingscommissie werd voorgelegd:
“In de bijlage heb ik jullie beoordeling van de eerste vier hoofdstukken proberen vorm te geven (…) Graag hoor ik daarbij of ik jullie beoordeling goed heb weergegeven en of daar nog eventuele opmerkingen en/of aanvullingen bij nodig zijn. Ik heb in het stuk de positieve punten groen weergegeven, negatieve rood en de punten die we wel benoemen maar meer neutraal zijn heb ik geel gemarkeerd. Ik vind dit altijd wat meer overzichtelijk in relatie tot de scores maar dat is puur intern en gaat uiteraard nog weg in de terugkoppeling naar de inschrijvers”.
4.6.
In het als productie G overgelegde werkdocument is te zien dat de consensusscores met betrekking tot de hoofstukken 1 t/m 4 zijn ingevuld. Deze scores corresponderen met de scores zoals die zijn opgenomen in de gunningsbeslissing van 18 november 2025. Tevens is in het werkdocument te zien dat er bij hoofdstuk 5 (nog) geen scores zijn ingevuld. De verklaring van [A] vindt in zoverre dan ook bevestiging in de overgelegde processtukken.
Dat de beoordelingscommissie het door de inschrijvers ingediende hoofdstuk 5 pas heeft ontvangen ná dat zij de consensusscores voor de hoofdstukken 1 t/m 4 had bepaald, blijkt uit het feit dat de presentaties van Optisport en Sportfondsen met betrekking tot deze hoofdstukken op donderdag 16 oktober 2025 in de ochtend, hebben plaatsgevonden (zie eerdergenoemd e-mailbericht van 13 oktober 2025, productie C van de gemeente Eersel), en dat [A] pas later op die dag (16 oktober 2025, 14.39 uur) het e-mailbericht met als bijlage het bedrijfsplan met hoofdstuk 5 van Sportfondsen en Optisport aan de beoordelingscommissie heeft gezonden (productie D van gemeente Eersel).
Vervolgens heeft de beoordeling van hoofdstuk 5 volgens de tijdlijn plaats gevonden door de beoordelingscommissie op 20 oktober 2025. Daarbij bleek dat er behoefte was aan een verduidelijking ten aanzien van hoofdstuk 5, zodat een gesprek is gepland op 28 oktober 2025 met de beide inschrijvers.
Op 22 oktober 2025 heeft [A] de concept-motivering van de op 16 oktober 2025 vastgestelde consensusscores voor de hoofstukken 1 t/m 4 aan de leden van de beoordelingscommissie voorgelegd.
4.7.
Optisport heeft gesteld dat de bedoeling van de gescheiden beoordeling was om te voorkomen dat de informatie die is opgenomen in hoofdstuk 5 invloed uitoefende op de beoordeling van de kwaliteitsfactoren, uitgewerkt in de hoofdstukken 1 t/m 4. Die stelling vindt steun in de hiervoor onder 2.3 aangehaalde passages uit het aanbestedingsdocument, die voorzien in een gescheiden beoordeling van (eerst) de hoofdstukken 1-4 en (vervolgens) van hoofdstuk 5.
Dat er geen beïnvloeding heeft plaats gevonden en dat de beoordelingscommissie de hoofdstukken 1 t/m 4 ook daadwerkelijk separaat van hoofdstuk 5 heeft beoordeeld, blijkt naar het oordeel van de voorzieningenrechter genoegzaam uit de door de gemeente Eersel gegeven toelichting in combinatie met de in het geding gebrachte stukken (zie hiervoor onder 4.4 – 4.6 aangehaald). Met de wijze waarop de beoordelingsprocedure heeft plaatsgevonden is de – in het aanbestedingsdocument voorziene - separate beoordeling van de hoofdstukken 1-4 en hoofdstuk 5 dan ook voldoende gewaarborgd.
4.8.
Het feit dat [A] de concept-motivering eerst bij e-mailbericht van 22 oktober 2025 aan de beoordelingscommissie heeft voorgelegd leidt niet tot een ander oordeel, aangezien de consensusscores toen al vast stonden.
Voor de stelling van Optisport dat de beoordeling van de hoofdstukken 1 t/m 4 eerst (volledig) had moeten zijn afgerond (dus met inbegrip van de motivering van de afzonderlijke scores) alvorens gestart kon worden met de beoordeling van hoofdstuk 5, valt geen steun te vinden in het Aanbestedingsdocument, althans Optisport heeft die stelling onvoldoende onderbouwd.
4.9.
Optisport heeft ter onderbouwing van haar stelling nog wel aangevoerd dat van een gescheiden beoordeling van de hoofdstukken 1-4 enerzijds en hoofdstuk 5 anderzijds geen sprake kan zijn geweest en dat hoofdstuk 5 is beoordeeld nog voordat de beoordeling van de hoofdstukken 1-4 was afgerond vanwege het feit dat Optisport – net als Sportfondsen - is uitgenodigd voor een verduidelijkingsgesprek over hoofdstuk 5 op 28 oktober 2025. Als de redenering van de gemeente wordt gevolgd dat ten tijde van de uitnodiging de scores van de hoofdstukken 1-4 al vastlagen dan valt niet te begrijpen waarom Optisport nog voor dit verduidelijkingsgesprek is uitgenodigd. De totaalscore voor de eerste vier hoofdstukken was immers zo laag (425 punten) dat zelf een maximale score op hoofdstuk 5 (150 punten) er niet voor kon zorgen dat Optisport boven de minimale – op straffe van uitsluiting – te behalen score van 600 punten zou uitkomen. Optisport leidt hier uit af dat dit duidelijk maakt dat de scores voor de hoofdstukken 1-4 nog niet (definitief) vastlagen.
De gemeente bestrijdt dit en heeft in dat verband er (terecht) op gewezen dat het Aanbestedingsdocument voorschrijft dat voor hoofdstuk 5 een zelfstandige – op straffe van uitsluiting te behalen - minimumeis wordt gesteld (vgl. 3.4.4. Aanbestedingsdocument, p. 18). Het verduidelijkingsgesprek was nodig omdat de ingediende inschrijvingen kennelijk vragen hadden opgeroepen bij de beoordelingscommissie die beantwoording behoefden met het oog op de vaststelling of de inschrijvingen van Optisport en Sportfondsen aan die minimumeis voldeden. De gemeente heeft terecht niet geanticipeerd op een uitsluiting vanwege een te lage score op de hoofdstukken 1-4 door beoordeling van hoofdstuk 5 achterwege te laten.
Beoordeling hoofdstuk 5 Sportfondsen
4.10.
Het tweede bezwaar van Optisport komt er – kort samengevat – op neer dat aan Sportfondsen ten onrechte een score van 2 (voldoende) is toegekend.
4.11.
In de jurisprudentie wordt breed gedragen dat het in beginsel aan de aanbestedende dienst is om inschrijvingen te beoordelen en te waarderen, en dat de aanbestedende dienst daarbij een ruimte vrijheid toekomt. Ook omdat de door haar aangewezen beoordelaars geacht mogen worden juist te zijn aangewezen vanwege hun specifieke deskundigheid. Enige mate van subjectiviteit is daarbij onvermijdelijk.
De voorzieningenrechter dient zich in dat verband terughoudend op te stellen. Hij mag niet op de stoel van de aanbestedende dienst gaan zitten, maar kan slechts marginaal toetsen of de door de beoordelaars uitgevoerde beoordeling – score en motivering daarvan – voldoende grondslag vindt in de aanbestedingsstukken. Het is dus niet aan de voorzieningenrechter om zelf kwalificaties als “voldoende” of “onvoldoende” aan onderdelen van een inschrijving te hechten. Slechts indien sprake is van procedurele of inhoudelijke onjuistheden, of onduidelijkheden die zouden kunnen meebrengen dat de voorlopige gunningsbeslissing niet deugt, in die zin dat de aanbestedende dienst in redelijkheid niet het toegekende puntenaantal had kunnen toekennen, kan er plaats zijn voor ingrijpen door de voorzieningenrechter.
4.12.
De aan Sportfondsen toegekende score 2 (75 punten) voor hoofdstuk 5 is gelijk aan de aan Optisport toegekende score 2 (75 punten). In de samenvatting bij de motivering is de conclusie voor zowel Optisport als Sportfondsen dat het oordeel voldoende is, en dat de inschrijver met dat deel van het bedrijfsplan enigszins overtuigt dat dit leidt tot een marktconforme en duurzame exploitatie van het zwembad, maar dat er op dat onderdeel geen meerwaarde wordt gezien die een hogere score kan verantwoorden.
De voorzieningenrechter is, gelet op boven omschreven (beperkt) beoordelingskader, van oordeel dat de door de beoordelingscommissie gegeven motivering niet onbegrijpelijk is en dat deze de toegekende score (2/voldoende) kan dragen. Al hetgeen Optisport dienaangaande nog heeft aangevoerd om een andersluidend standpunt te onderbouwen doet daar niet aan af.
4.13.
De stelling van Optisport in het slot van de dagvaarding, dat de aan haar toegekende score voor hoofdstuk 3 en hoofdstuk 2 niet correspondeert met de motivering, is in het geheel niet toegelicht, laat staan onderbouwd zodat aan deze stelling voorbij wordt gegaan.
4.14.
De conclusie luidt dat Optisport niet aannemelijk heeft gemaakt dat de voorgenomen gunningsbeslissing c.q. de beslissing om de inschrijving van Optisport uit te sluiten, genomen is in strijd met (één van) de beginselen van het aanbestedingsrecht. De vorderingen van Optisport dienen daarom te worden afgewezen.
Optisport is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten van de gemeente Eersel en van Sportfondsen betalen.
De proceskosten van de gemeente Eersel worden begroot op:
- griffierecht
735,00
- salaris advocaat
1.766,00
Totaal
2.501,00
4.15.
Voor de veroordeling in de nakosten bestaat geen grond, nu de kostenveroordeling ook voor deze nakosten een executoriale titel oplevert. [1]
4.16.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
4.17.
De proceskosten van Sportfondsen worden begroot op:
- griffierecht
735,00
- salaris advocaat
1.766,00
Totaal
2.501,00

5.De beslissing

De voorzieningenrechter:
In het incident:
5.1.
staat de gevorderde voeging van Sportfondsen in de hoofdzaak toe,
5.2.
compenseert de proceskosten zodat iedere partij de eigen kosten draagt,
In de hoofdzaak:
5.3.
wijst de vorderingen van Optisport af,
5.4.
veroordeelt Optisport in de proceskosten van de gemeente Eersel, tot op heden begroot op € 2.501,00, te betalen binnen veertien dagen na de datum van dit vonnis, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen zijn betaald,
5.5.
veroordeelt Optisport in de proceskosten van Sportfondsen, tot op heden begroot op € 2.501,00,
5.6.
verklaart dit vonnis wat betreft de proceskostenveroordelingen uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. W. Schoorlemmer en in het openbaar uitgesproken op 26 maart 2026.

Voetnoten

1.Vgl. HR 19 maart 2010, ECLI:NL:2010:BL1116, NJ 2011/237 en HR 10 juni 2022, ECLI:NL:HR:2022:853