ECLI:NL:RBOBR:2026:3091
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens te vroege ingebrekestelling tegen niet tijdig beslissen UWV
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen een berekening van het UWV en stelde het UWV op 21 november 2025 in gebreke wegens het niet tijdig beslissen op haar bezwaar. Vervolgens stelde zij op 7 december 2025 beroep in bij de rechtbank. De rechtbank heeft op 20 april 2026 het beroep behandeld waarbij beide partijen aanwezig waren.
De rechtbank oordeelt dat een ingebrekestelling pas kan worden verstuurd nadat de beslistermijn is verstreken. In deze zaak eindigde de beslistermijn op 15 januari 2026, terwijl eiseres de ingebrekestelling al op 21 november 2025 verstuurde. Hierdoor is de ingebrekestelling te vroeg en is het beroep niet-ontvankelijk.
De rechtbank kan het beroep daarom niet inhoudelijk beoordelen en wijst het beroep af zonder proceskostenveroordeling of vergoeding van griffierecht. Eiseres wordt gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep binnen zes weken na verzending van deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroege ingebrekestelling.