ECLI:NL:RBOBR:2026:4379
Rechtbank Oost-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen sluiting woning op grond van de Opiumwet wegens drugsgebruik zoon
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de burgemeester om zijn woning voor zes maanden te sluiten op grond van de Opiumwet, nadat zijn zoon in Veldhoven met drugs was aangehouden en drugs in de woning waren gevonden.
De voorzieningenrechter oordeelt dat verzoeker een spoedeisend belang heeft omdat hij anders op korte termijn zijn woning moet verlaten. De beoordeling van de voorlopige voorziening richt zich op de vraag of het bezwaar redelijke kans van slagen heeft. De burgemeester erkent dat het bestreden besluit gebreken vertoont in de motivering van de geschiktheid, noodzaak en verwijtbaarheid.
De voorzieningenrechter constateert dat de geschiktheid niet is benoemd, de noodzaak onvoldoende is gemotiveerd en dat niet is toegelicht waarom een minder ingrijpend middel niet volstaat, mede gelet op het Damoclesbeleid. Verzoeker had zijn zoon al uit huis gezet en de zoon was uitgeschreven van het adres. Daarom wordt het besluit geschorst tot zes weken na bekendmaking van de beslissing op bezwaar.
De burgemeester moet het griffierecht terugbetalen en proceskosten van €1.868,- vergoeden. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het besluit tot sluiting van de woning wordt geschorst tot zes weken na bekendmaking van de beslissing op bezwaar wegens gebrekkige motivering.