Uitspraak
Rechtbank Oost-Nederland
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De vordering van de officier van justitie
4.De voorvragen
5.De beoordeling van het bewijs
6.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
7.De strafbaarheid van de verdachte
8.De op te leggen straf of maatregel
9.De schade van benadeelden
10.De toegepaste wettelijke voorschriften
11.De beslissing
- verklaart niet bewezen dat verdachte het sub 6 primair tenlastegelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij;
- verklaart bewezen, dat verdachte het sub 1 primair, sub 2 primair, sub 3 primair, sub 4, sub 5 primair, sub 6 subsidiair en sub 7 tenlastegelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;
- verklaart niet bewezen wat aan verdachte het sub 1 primair, sub 2 primair, sub 3 primair, sub 4, sub 5 primair, sub 6 subsidiair en sub 7 meer of anders is tenlastegelegd en spreekt hem daarvan vrij;
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:
gevangenisstraf van 21 maanden;
[curator 1], curator in het faillissement van [bedrijf 1] BV, gericht tegen [verdachte] , d.d. 18 maart 2010, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[curator 1]d.d. 13 maart 2012, (Aangiften A01 t/m A07, pag. 0100032 en 0100033) voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[curator 2], curator in het faillissement van [bedrijf 2] BV, gericht tegen [verdachte] , d.d. 18 maart 2010 (pag. A02.01, pag. 2000021 t/m 2000023), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[curator 2]d.d. 15 november 2012, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[getuige 1]d.d. 9 december 2011 (G02.01, pag. 0200060 t/m 020062), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[getuige 2]d.d. 7 maart 2012 (G08.01, pag. 0200119 t/m 0200123), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[getuige 3]d.d. 1 maart 2012 (G09.01, pag. 0200125 t/m 0200129), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[boekhouder 1]van 15 november 2012, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[curator 3], curator in het faillissement van [bedrijf 3] BV, d.d. 29 november 2011 (aangiften A01 t/m A07, pag. 0100070 t/m 0100072), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[curator 3]d.d. 23 februari 2012 (Aangiften A01 t/m A07, pag. 0100283 en 0100286), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[curator 3]van 15 november 2012, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[aangever 1]d.d. 3 april 2012,(AH07.01 pg 3000039 t/m 3000041) voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[getuige 4]d.d. 14 mei 2012, (G19.01, pag. 3000117 en 3000123) voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[aangever 2], zakelijk weergegeven:
[aangever 2], zakelijk weergegeven:
[investeringsmaatschappij]introduceerde hij meneer [naam 17] die daar dus ook werkzaam zou zijn. [verdachte] deed al jaren lang zaken met [naam 17] , zo vertelde hij, en [naam 17] was eveneens een investeerder die mee zou doen. [naam 17] vertelde mij zelf ook dat hij werkzaam was bij de [investeringsmaatschappij] . Hij zou verder een bedrijf in lijkkisten hebben. Wij zouden verder niet zoveel contact Het was goed voor als er straks een extra BV bij zou komen er ook al iemand van de Investeerdersmaatschappij bij betrokken zou zijn.
[aangever 2], zakelijk weergegeven:
[getuige 5], zakelijk weergegeven:
[getuige 5]van 18 oktober 2012, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[getuige 6], zakelijk weergegeven:
[getuige 8], zakelijk weergegeven:
dagenna het eerste contact en nog voordat überhaupt formele overdracht van bedrijfsleiding had plaatsgevonden. Hij deed dit naar het personeel onder het mom van "ik ben jullie nieuwe baas". Aan de heer [aangever 2] had hij gezegd verder bedrijfsonderzoek te willen doen! Maar dit bestond dus uit het reeds leeghalen van de kassa's. Dit tijdvak klopt met het bedrag dat aan kasgeld wordt vermist. In totaal is tussen 18 februari 2011 en 11 maart 2011 circa 67.000,- in contanten door [verdachte] persoonlijk uit de kassa's gehaaid, daar zijn uiteraard namens het personeel vele getuigen van. [verdachte] had beloofd dat hij de leveranciers zou betalen, wat uiteraard nooit is gebeurd. Op dringend verzoek van [aangever 2] zijn een 3-tal plaatselijke leveranciers door [verdachte] contact betaald, dit was vlak voor 11 maart.
[aangever 3], zakelijk weergegeven:
salarissenbetaald worden
in februari,omdat er niet genoeg geld op de rekening stond. Ik heb het vervolgens tegen [verdachte] gezegd. Hij vroeg hoeveel ze moesten hebben en zou hen dat betalen. Dat was helemaal geen punt. Op een gegeven moment kregen we betalingsherinneringen. Ik moest deze in een "Postvak in" leggen en dan zouden [verdachte] of [medeverdachte] dat regelen. Alles kwam goed werd verteld, het was allemaal geen punt. Zij zouden contact opnemen met de leveranciers.
[getuige 7], zakelijk weergegeven:
[medeverdachte]van 18 oktober 2012, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[getuige 9]van 18 oktober 2012, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[boekhouder 3]van 18 oktober 2012, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[benadeelde], en de aanvullende verklaringen die deze aangever op 3 april 2012 (A06.02, pag. 6000035 t/m 6000038) en 11 juni 2012 (A06.03, pag. 6000039 t/m 6000042) bij de politie heeft afgelegd voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[benadeelde]van 15 november 2012, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[getuige 10]d.d. 27 oktober 2011 (G01.01 pag. 6000079 t/m 6000082), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
[getuige 10]van 15 november 2012, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven: