ECLI:NL:RBONE:2013:BZ0523
Rechtbank Oost-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.G. Vermeulen
- M.M. Lorist
- P.L. Alers
- Rechtspraak.nl
Verplichting tot terugbetaling wederrechtelijk verkregen voordeel bij mensenhandel
De rechtbank Oost-Nederland heeft op 4 februari 2013 uitspraak gedaan in een ontnemingszaak tegen een veroordeelde die eerder door het gerechtshof Amsterdam is veroordeeld voor mensenhandel. De rechtbank stelde het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €864.240, gebaseerd op een periode van 48 maanden waarin het slachtoffer voor de veroordeelde werkte.
De berekening van het voordeel is gebaseerd op een dagvergoeding van €800 die het slachtoffer aan de veroordeelde moest afdragen, met een correctie voor kosten van €2.595 per maand. Het aantal gewerkte dagen werd vastgesteld op 1236, rekening houdend met vakanties, ziekte en vrije dagen. De rechtbank vond de bewijsmiddelen, waaronder telefoontaps en verklaringen, voldoende om deze bedragen te onderbouwen.
De veroordeelde heeft geen verweer gevoerd tegen de vordering en was niet aanwezig bij de zitting van 7 januari 2013. De rechtbank volgde de officier van justitie in haar vordering en legde de betalingsverplichting op aan de veroordeelde. De wettelijke grondslag hiervoor is artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht.
Uitkomst: Veroordeelde is verplicht tot betaling van €864.240 aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.