ECLI:NL:RBONE:2013:BZ3303
Rechtbank Oost-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging WGA-vervolguitkeringsbesluit wegens onvolledig verzekeringsgeneeskundig onderzoek
Eiser, werkzaam als timmerman/ploegleider, meldde zich ziek met chronische vermoeidheidsklachten. Na eerdere toekenning van een gedeeltelijke WGA-uitkering stelde verweerder bij besluit van 24 februari 2012 een nieuwe WGA-vervolguitkering vast op basis van een arbeidsongeschiktheidsklasse van 35-45%.
Eiser maakte bezwaar en stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat hij ernstiger beperkingen heeft dan vastgesteld en dat verweerder het protocol CVS en andere richtlijnen niet correct toepaste. Verweerder stelde dat een volledige verzekeringsgeneeskundige en arbeidskundige beoordeling had plaatsgevonden.
De rechtbank oordeelde echter dat het onderzoek zich beperkte tot de vraag of er nieuwe medische feiten waren sinds de eerdere beoordeling, en daarmee onvolledig en onzorgvuldig was. Dit leidt tot schending van artikel 3:2 Awb Pro en vernietiging van het besluit.
De rechtbank gaf verweerder twaalf weken de tijd om het gebrek te herstellen door alsnog een volledig onderzoek uit te voeren, waarbij het protocol CVS en relevante jurisprudentie betrokken moeten worden. De behandeling van het beroep wordt aangehouden totdat het herstel heeft plaatsgevonden.
Uitkomst: Het besluit tot toekenning van de WGA-vervolguitkering wordt vernietigd wegens een onvolledig onderzoek; verweerder krijgt twaalf weken om het gebrek te herstellen.