ECLI:NL:RBONE:2013:BZ5197
Rechtbank Oost-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens ontbreken bewijs opzet invoer en bevordering grote hoeveelheid cocaïne
Op 17 augustus 2012 werd in Antwerpen een schip uit Ecuador met vier containers gescand, waarbij in één container een grote hoeveelheid cocaïne werd aangetroffen. Deze container werd onder observatie geplaatst en op 22 augustus 2012 naar een loods in Emmeloord vervoerd, waar verdachte en medeverdachten werden aangehouden tijdens een politie-inval.
Verdachte werd ten laste gelegd dat hij tussen april 2011 en augustus 2012 betrokken was bij het opzettelijk binnenbrengen en bevorderen van circa 2352 kilogram cocaïne in Nederland. De officier van justitie vorderde vrijspraak voor de invoer, maar stelde dat het bevorderen wettig en overtuigend bewezen was. De verdediging voerde aan dat verdachte geen betrokkenheid had bij de oprichting van het bedrijf, niet voorkwam in de getapte gesprekken en dat de bewijslast onvoldoende was.
De rechtbank oordeelde dat er geen overtuigend bewijs was dat verdachte op enig moment op de hoogte was van de cocaïne in de container of dat hij willens en wetens de aanmerkelijke kans aanvaardde dat de lading drugs bevatte. Het enkele feit dat verdachte aanwezig was in de loods om te lossen, was onvoldoende voor een veroordeling. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van opzet en betrokkenheid bij invoer en bevordering van cocaïne.