ECLI:NL:RBOVE:2013:4560

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
9 oktober 2013
Publicatiedatum
25 maart 2014
Zaaknummer
C/08/145681 FT RK 1538/13
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • M.L.J. Koopmans
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 285 lid 1 sub f FaillissementswetArt. 48 lid 1 onder c Wet op het consumentenkrediet
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijk verklaring in schuldsaneringsverzoek wegens onbevoegde verklaring beschermingsbewindvoerder

Verzoeker heeft een verzoekschrift ingediend voor toepassing van de schuldsaneringsregeling, waarbij een verklaring ex artikel 285 lid 1 sub f Faillissementswet Pro was gevoegd. Deze verklaring was afgegeven door de Stichting Christelijke Schuldhulp, die als beschermingsbewindvoerder was benoemd voor verzoeker sinds 4 maart 2010.

De rechtbank overweegt dat volgens een arrest van de Hoge Raad van 5 november 2010 een dergelijke verklaring alleen kan worden afgegeven door gemeenten, gemeentelijke kredietbanken of door personen genoemd in artikel 48 lid 1 onder Pro c van de Wet op het consumentenkrediet. Beschermingsbewindvoerders behoren niet tot deze categorie bevoegdheden.

Omdat de verklaring in dit geval door een beschermingsbewindvoerder is afgegeven, is deze afgegeven door een onbevoegde instantie. Daarom verklaart de rechtbank verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling.

Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn schuldsaneringsverzoek wegens onbevoegde verklaring beschermingsbewindvoerder.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team Toezicht
Zittingsplaats Almelo
rekestnummers: C/08/145681 FT RK 1538/13
uitspraakdatum: 9 oktober 2013
Vonnis van de rechtbank Overijssel, enkelvoudige kamer voor burgerlijke zaken op het verzoek van:

[verzoeker],

geboren op [geboortedatum] te[geboortedatum],
wonende te [woonplaats], [adres].
verder [verzoeker] te noemen.
Ten aanzien van de goederen van [verzoeker] is op 4 maart 2010 een onderbewindstelling uitgesproken, met benoeming van de Stichting Christelijke Schuldhulp te Enschede tot (beschermings)bewindvoerder.

Het procesverloop

[verzoeker] heeft een verzoekschrift ingediend de toepassing van de schuldsaneringsregeling uit te spreken.

De beoordeling

De feiten
Op 8 oktober 2013 heeft de rechtbank een verzoekschrift tot toepassing van de schuldsaneringsregeling met bijlagen van [verzoeker] ontvangen.
Bij het verzoekschrift is een verklaring ex artikel 285 lid 1 sub f Faillissementswet Pro (Fw.) gevoegd, welke is afgegeven door de Stichting Christelijke Schuldhulp.
De overwegingen van de rechtbank
De rechtbank overweegt dat de Hoge Raad bij arrest van 5 november 2010 (NJ 2011, 31) heeft bepaald dat een verklaring ex artikel 285 lid 1 sub f Fw Pro. niet alleen door gemeenten en gemeentelijke kredietbanken, maar ook door in artikel 48 lid 1 onder Pro c Wet op het consumentenkrediet (WcK) genoemde personen mag worden afgegeven. De rechtbank concludeert dat beschermingsbewindvoerders niet tot deze personen behoren. Nu de verklaring ex artikel 285 lid 1 sub f Faillissementswet Pro in het onderhavige geval is afgegeven door een beschermingsbewindvoerder, is de verklaring afgegeven door een onbevoegd persoon/onbevoegde instantie. Dientengevolge dient [verzoeker] naar het oordeel van de rechtbank niet-ontvankelijk te worden verklaard in zijn verzoek.

De beslissing

De rechtbank:
- verklaart [verzoeker] niet-ontvankelijk in zijn verzoek;
Gewezen door mr. M.L.J. Koopmans, lid van genoemde kamer, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 9 oktober 2013, in tegenwoordigheid van de griffier.