ECLI:NL:RBOVE:2013:BZ6630

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
4 april 2013
Publicatiedatum
22 juni 2013
Zaaknummer
429234 EJ VERZ 13-1065
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:610 BWArt. 7:685 BWArt. 7:690 BW
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid verzoek tot ontbinding payrollovereenkomst wegens ontbreken arbeidsovereenkomst

De rechtbank Overijssel heeft op 4 april 2013 uitspraak gedaan in een zaak tussen Stichting Dienstverlening Welzijn Enschede (SDWE) en een medewerker. SDWE verzocht om ontbinding van de arbeidsrelatie, maar de kantonrechter stelde bij een tussenbeschikking van 21 maart 2013 al vast dat er geen arbeidsovereenkomst bestond tussen SDWE en de medewerker. De arbeidsovereenkomst bestond volgens de rechtbank met de inlener, niet met de payrollonderneming.

SDWE voerde aan dat indien er geen arbeidsovereenkomst met haar was, de gemeente Enschede als werkgever moest worden beschouwd, wat gevolgen had voor haar verplichtingen. De kantonrechter oordeelde echter dat SDWE niet-ontvankelijk was in haar verzoek tot ontbinding omdat zij niet de juiste partij was.

Hoewel de medewerker en zijn gemachtigde duidelijkheid wilden over de positie van de gemeente Enschede, kon de kantonrechter daarover geen bindende uitspraak doen omdat de gemeente geen partij was in de procedure. SDWE werd veroordeeld in de proceskosten van €400,00.

Uitkomst: SDWE is niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek tot ontbinding van de arbeidsrelatie.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL
Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Enschede
Zaaknummer: 429234 EJ VERZ 13-1065
Beschikking van de kantonrechter d.d. 4 april 2013 in de zaak van:
De stichting STICHTING DIENSTVERLENING WELZIJN ENSCHEDE
gevestigd en kantoorhoudende te Enschede
verzoekster, hierna te noemen SDWE
gemachtigde: mr. R.H.H.G. Kroeze, advocaat te Hengelo,
tegen
[verweerder]
wonende te [plaats]
verweerder, hierna te noemen: medewerker
gemachtigde: mr. A.C. Doorn,
verbonden aan DAS Rechtsbijstand
De procedure:
Deze blijkt uit:
? de tussenbeschikking van 21 maart 2013, waarbij de kantonrechter partijen in kennis heeft gesteld van haar voornemen SDWE in haar verzoek niet-ontvankelijk te verklaren en partijen in de gelegenheid heeft gesteld nadat te reageren;
? de brief aan de zijde van SDWE gedateerd 28 maart 2013;
? de brief aan de zijde van medewerker, gedateerd 28 maart 2013.
De verdere beoordeling:
Bij tussenbeschikking van 21 maart 2013 heeft de kantonrechter vooralsnog geoordeeld dat van een arbeidsovereenkomst tussen SDWE en medewerker geen sprake is en SDWE om die reden in haar verzoek tot ontbinding niet-ontvankelijk dient te worden verklaard.
SDWE heeft daarop, kort samengevat, aangevoerd dat, indien en voor zover er geen sprake is van een arbeidsovereenkomst tussen haar en medewerker, de gemeente Enschede als werkgever dient te worden aangemerkt. Zulks impliceert dat SDWE niet langer gehouden is te voldoen aan de verplichtingen welke als werkgever op haar rusten. Zij zal, nu de detacheringsovereenkomst op grond van het vonnis van de rechtbank Almelo van 9 oktober 2012 per 1 april 2013 eindigt per die datum, geen loon meer aan medewerker betalen.
De gemachtigde van medewerker heeft laten weten dat medewerker zich refereert aan het voornemen om SDWE in haar verzoek niet-ontvankelijk te verklaren.
Nu de reacties van SDWE en betrokkene niet tot nieuwe inzichten hebben geleid, zal de kantonrechter, onder verwijzing naar hetgeen zij reeds heeft overwogen bij de tussen beschikking van 21 maart 2013, SDWE in haar verzoek tot ontbinding niet-ontvankelijk verklaren.
Hoezeer de kantonrechter uit reacties van medewerker en zijn collega's begrijpt dat zij duidelijkheid wensen over de positie van de gemeente Enschede ten opzichte van hen, kan de kantonrechter, nu de gemeente Enschede geen partij is in de onderhavige procedure, bij deze beschikking niet een de gemeente Enschede bindende uitspraak doen.
SDWE zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van de procedure.
BESCHIKKING
Verklaart SDWE niet-ontvankelijk in haar verzoek.
Veroordeelt SDWE in de kosten van de procedure, aan de zijde van medewerker begroot op € 400,00 ter zake van salaris gemachtigde.
Aldus gegeven te Enschede door mr. E.W. de Groot, kantonrechter, en op 4 april 2013 in het openbaar uitgesproken, in aanwezigheid van de griffier.