Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
Beschikking van de kantonrechter d.d. 17 december 2014 in de zaak van:
[verweerster]
Overweegt:
“die haar behandelt in het kader van de huidige situatie”(verweerschrift onder randnummer 7).
Rechtbank Overijssel
Quo Vadis verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst met haar secretaresse wegens een verstoorde arbeidsverhouding, hoofdzakelijk veroorzaakt door een incident waarbij de werknemer ervan werd beschuldigd vertrouwelijke informatie te hebben gedeeld. De werknemer meldt zich ziek na deze beschuldiging en verricht geen arbeid meer.
De kantonrechter oordeelt dat geen sprake is van een opzegverbod wegens ziekte, aangezien de bedrijfsarts bevestigt dat er geen arbeidsongeschiktheid is. De arbeidsverhouding is grondig en onherstelbaar verstoord, met name door de persoonlijke relatie tussen werknemer en leidinggevende. De werknemer heeft zich verzet tegen mediation en toont een weerspannige houding.
Hoewel de werknemer aanspraak kan maken op een verlengde werkloosheidsuitkering op grond van de cao-PO (WOPO), wordt geen billijke vergoeding toegekend. Indien blijkt dat de werknemer geen recht heeft op deze uitkering, wordt een vergoeding van €35.000 bruto toegekend. Quo Vadis krijgt de gelegenheid het verzoek in te trekken. Proceskosten worden gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt tenzij het verzoek wordt ingetrokken.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 31 januari 2015 zonder billijke vergoeding vanwege aanspraak op verlengde werkloosheidsuitkering.