Uitspraak
Rechtbank Overijssel
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
- tegen die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 3] heeft/hebben gezegd: “jij gaat mij meiers doen. Jullie hebben geld zat”, althans woorden van gelijke aard of strekking en/of (vervolgens/ daarbij)
- (die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 3]) een (grote) ijzeren stang en/of staaf heeft/hebben getoond, althans duidelijk zichtbaar voor die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 3] in de handen heeft/hebben vastgehouden.
- die [slachtoffer 2] bij de borst heeft/hebben gepakt en/of (vervolgens)
- (die [slachtoffer 2]) een (houten) knuppel heeft/hebben getoond, althans duidelijk zichtbaar voor die [slachtoffer 2] heeft/hebben vastgehouden en/of (vervolgens)
- tegen die [slachtoffer 2] heeft/hebben gezegd dat ze zakjes (speed) wilden hebben en/of (vervolgens)
- één of meer kasten heeft/hebben onderzocht en/of nagekeken.