Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
- de dagvaarding
- de akte vermeerdering van eis
- de mondelinge behandeling
- de pleitnota van de vrouw.
Rechtbank Overijssel
De rechtbank behandelt een kort geding tussen voormalige echtelieden over de verkoop en ontruiming van hun gezamenlijke woning. De man wil de woning verkopen voor een bod van €250.000, dat door de vrouw wordt afgewezen als te laag. De woning staat sinds mei 2014 te koop, met slechts één serieuze koper die zijn bod stapsgewijs verhoogde.
De voorzieningenrechter oordeelt dat er sprake is van spoedeisend belang en gewichtige redenen voor machtiging tot verkoop ex artikel 3:174 BW Pro. De makelaar heeft een marktconforme waarde vastgesteld, en de vrouw heeft onvoldoende onderbouwd dat het bod onredelijk laag is of dat de makelaar partijdig is. De vrouw wordt verplicht de woning uiterlijk bij levering op 1 december 2015 te ontruimen.
De rechtbank bepaalt dat de kosten van makelaar en overige verkoopkosten gelijk verdeeld worden, de hypotheek uit de verkoopopbrengst wordt afgelost en de netto-opbrengst gelijk wordt verdeeld. De man wordt gemachtigd alle noodzakelijke handelingen voor verkoop en levering te verrichten. De vordering tot ontruiming met inzet van sterke arm wordt afgewezen, evenals de dwangsom. De proceskosten worden gecompenseerd, ieder draagt eigen kosten.
Uitkomst: Man wordt gemachtigd tot verkoop van de woning voor minimaal €250.000 en vrouw moet uiterlijk bij levering op 1 december 2015 ontruimen.