Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.Het verzoek
4.Het verweer
5.De beoordeling
6.De beslissing
17 augustus 2016om partijen de gelegenheid te geven hun verhinderdata kenbaar te maken voor de dagbepaling van de enquête;
Rechtbank Overijssel
Partijen zijn gehuwd geweest en gescheiden bij beschikking van de rechtbank Overijssel, waarbij de vrouw verplicht werd een maandelijkse bijdrage aan de man te betalen. De vrouw verzoekt de bijdrage met ingang van 1 januari 2016 op nihil te stellen, stellende dat de man in het buitenland samenwoont met zijn vriendin, waardoor haar onderhoudsverplichting eindigt op grond van artikel 1:160 BW Pro.
De man ontkent samenwoning en stelt dat hij op verschillende adressen woont dan zijn vriendin. De rechtbank oordeelt dat de vrouw in bewijsnood verkeert omdat zij in het buitenland geen onderzoek kan doen naar het samenwonen van de man. Daarom wordt de bewijslast omgekeerd en wordt de man belast met het bewijs dat hij niet samenwoont zoals bedoeld in de wet.
De rechtbank bepaalt dat indien de man getuigen wil horen, een enquête zal plaatsvinden in Almelo. De zaak wordt aangehouden om partijen gelegenheid te geven hun beschikbaarheid voor de enquête aan te geven. Verder blijft de beslissing aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank keert de bewijslast om en belast de man met het bewijs dat hij niet samenwoont met zijn vriendin, en houdt de zaak aan voor het bepalen van een enquête.