Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
WONINGSTICHTING SWZ,
gevestigd en kantoorhoudende te Zwolle,
wonende te Zwolle,
1.De procedure
2.De feiten
Artikel 6
Rechtbank Overijssel
De verhuurder SWZ vorderde in kort geding de ontruiming van een woning vanwege de aanwezigheid van een professionele hennepplantage en een huurachterstand. De huurder betwistte kennis van de hennepplantage en stelde dat haar (ex-)partner verantwoordelijk was.
De rechtbank overwoog dat de huurder op grond van artikel 7:219 BW Pro aansprakelijk is voor gedragingen van personen die met haar goedvinden het gehuurde gebruiken, maar dat het ontbreken van kennis over de hennepplantage meegewogen kan worden bij de beoordeling van ontbinding. De stellingen van de huurder werden niet op voorhand ongeloofwaardig bevonden, mede door verklaringen van haar zoon en het politierapport.
Gezien de onzekerheid over de feiten, het belang van het woonrecht en het ontbreken van een risico op herhaling, oordeelde de rechtbank dat toewijzing van de vordering tot ontruiming niet gerechtvaardigd was. Ook de inmiddels ingelopen huurachterstand rechtvaardigde geen onmiddellijke ordemaatregel. De vordering werd afgewezen en de verhuurder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming wegens de hennepplantage en huurachterstand wordt afgewezen.