ECLI:NL:RBOVE:2017:3112
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzet tegen kennisgeving van verhaal wegens termijnoverschrijding
Betrokkene heeft verzet ingesteld tegen de tenuitvoerlegging van een kennisgeving van verhaal zonder dwangbevel, uitgevaardigd door de officier van justitie te Leeuwarden. Betrokkene voert aan dat de sanctie niet door een bevoegde ambtenaar is opgelegd en dat het CJIB niet bevoegd is tot inning. Tevens betwist hij de geldigheid van de kennisgeving en stelt dat er administratieve fouten zijn gemaakt.
De kantonrechter beoordeelt eerst of het ingediende verzet binnen de wettelijke termijn is ontvangen. Hoewel betrokkene stelt de kennisgeving op 8 november 2016 te hebben ontvangen, is het verzetschrift pas op 16 november 2016 ingediend, wat na de wettelijke termijn van een week is. Er zijn geen gegronde redenen om de termijnoverschrijding niet aan betrokkene toe te rekenen.
De kantonrechter kwalificeert de ingediende schriftuur als een verzetschrift in de zin van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv), maar stelt vast dat het verzet niet-ontvankelijk is wegens te late indiening. De inhoudelijke bezwaren worden daarom niet inhoudelijk behandeld.
De uitspraak bevestigt dat het CJIB niet zelfstandig bevoegd is om sancties op te leggen, maar dat de inning plaatsvindt namens de officier van justitie. Het mandaat aan het CJIB voor inning en uitvaardiging van dwangbevelen is voldoende volgens jurisprudentie. De kantonrechter sluit het onderzoek na het verzet niet-ontvankelijk te verklaren en wijst op de mogelijkheid tot hoger beroep.
Uitkomst: Het verzet tegen de kennisgeving van verhaal wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de wettelijke termijn.