ECLI:NL:RBOVE:2017:345
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Verrekening WIA-uitkering tijdens schuldsanering toegestaan bij ontstaan vordering en recht voor schuldsanering
Eiseres, die sinds 4 september 2012 een WIA-uitkering ontvangt, werd geconfronteerd met verrekening van een vordering door het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) tijdens haar schuldsanering. De vordering en het recht op WIA-uitkering waren beide ontstaan vóór haar toelating tot de schuldsaneringsregeling op 27 oktober 2015.
Eiseres betwistte de verrekening en voerde aan dat het recht op WIA-uitkering niet in zijn geheel bij toekenning ontstaat, maar telkens opnieuw, waardoor verrekening na de schuldsaneringsuitspraak niet toegestaan zou zijn. Zij verwees naar het fixatiebeginsel en stelde dat het UWV niet bevoegd is om het recht op uitkering te bepalen.
De rechtbank stelde vast dat het recht op een WGA-uitkering, onderdeel van de WIA, bij aanvang wordt vastgesteld en ononderbroken doorloopt totdat niet meer aan de voorwaarden wordt voldaan, met een mogelijke uitlooptermijn. Dit betekent dat het recht niet telkens opnieuw ontstaat. Dit onderscheidt de WIA-uitkering van andere uitkeringen zoals de Ziektewet en bijstand.
Daarmee voldeed de situatie aan artikel 307 van Pro de Faillissementswet, dat verrekening toestaat indien zowel schuld als vordering zijn ontstaan vóór de schuldsaneringsuitspraak. Het beroep van eiseres werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de verrekening van de WIA-uitkering tijdens de schuldsanering wordt ongegrond verklaard.