ECLI:NL:RBOVE:2018:2193
Rechtbank Overijssel
- Voorlopige voorziening
- W.F. Bijloo
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot schorsing sluiting horecagelegenheid wegens drugshandel
Verzoekers, exploitant en eigenaar van een horecagelegenheid in Hengelo, verzochten de rechtbank om schorsing van een bestuursdwangbesluit tot sluiting van hun club voor 12 maanden wegens handel in harddrugs. De burgemeester had de sluiting bevolen na een politie-inval waarbij diverse drugs werden aangetroffen.
De rechtbank oordeelde dat de burgemeester op grond van artikel 13b van de Opiumwet en het Damoclesbeleid bevoegd was tot het opleggen van de bestuursdwang, ook zonder persoonlijk verwijt aan verzoekers. De politie-inval en de aangetroffen drugs vormden voldoende grondslag.
Verzoekers voerden aan dat zij niet op de hoogte waren van drugshandel, dat de politie disproportioneel had gehandeld en dat de sluiting ondoelmatig en disproportioneel was. Ook stelden zij dat eerst een waarschuwing had moeten worden gegeven volgens het beleid. De rechtbank verwierp deze bezwaren en vond de uitleg van het beleid plausibel.
De rechtbank achtte geen bijzondere omstandigheden aanwezig die afwijken van het Damoclesbeleid rechtvaardigen. De mogelijke verkoop van de horecagelegenheid en het verlies van werk voor personeel werden niet als zodanig erkend. Ook was er geen sprake van strijd met het gelijkheidsbeginsel.
De rechtbank wees het verzoek om voorlopige voorziening af en bevestigde de sluiting van de horecagelegenheid voor 12 maanden.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek om voorlopige voorziening af en bevestigt de sluiting van de horecagelegenheid voor 12 maanden wegens handel in harddrugs.