Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
;
.
3.De voorvragen
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelden
€ 91.032,54;
- ziekenhuisdagvergoeding (€ 112,00);
- overige kosten (rijbewijs) (€ 216,80);
- reiskosten (€ 2.769,56);
- zelfredzaamheid (€ 1.008,00);
- verlies van verdienvermogen tot heden, voor zover de kosten zien op verlies basisinkomen en verlies oefentoelage (€ 9.227,74);
- toekomstige schade, voor zover de kosten zien op het eigen risico ziektekosten 2019 (€ 385,00);
- huishoudelijke hulp (€ 560,00);
- verlies van verdienvermogen tot heden, voor zover de kosten zien op verlies voedingskosten (€ 1.918,96);
- toekomstige schade, voor zover de kosten zien op de opleiding fysiotherapie, toekomstig inkomen, irislenzen en hoger beroep (€ 90.647,54);
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
18 (achttien) maanden;
6 (zes) maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien verdachte voor het einde van de
proeftijd van 2 (twee) jarende navolgende voorwaarden niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat verdachte:
bijzondere voorwaardendat de verdachte:
daarbij gelden als voorwaarden van rechtswege dat verdachte:
maatregelop dat verdachte verplicht is ter zake van de bewezenverklaarde feiten tot
betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 37.719,10,te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 5 februari 2019 ten behoeve van de benadeelde, met bevel, voor het geval dat volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt, dat vervangende hechtenis voor de duur van
100dagen zal worden toegepast, (een en ander voor zover dit bedrag niet door een mededader zal zijn voldaan). Tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis laat de betalingsverplichting onverlet;