ECLI:NL:RBOVE:2019:2237
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep werkgever niet-ontvankelijk wegens onvoldoende procesbelang bij WIA-uitkering werknemer
De zaak betreft een beroep van het college van burgemeester en wethouders van Deventer tegen het besluit van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) om de WIA-uitkering van een werknemer te herroepen. De werknemer was gedeeltelijk arbeidsongeschikt verklaard, maar dit werd later ingetrokken, waarna de uitkering werd beëindigd.
De werkgever stelde dat zij financieel belanghebbende was bij de uitkering vanwege doorbetaling van loon en re-integratieverplichtingen. De rechtbank stelde echter vast dat de werkgever inmiddels geen financieel belang meer had, omdat de no-riskpolis zorgde voor compensatie door het UWV. Het enige belang dat de werkgever nog aanvoerde was het welbevinden van de werknemer en de werkplekstress.
De rechtbank oordeelde dat dit geen voldoende procesbelang oplevert voor de werkgever om beroep in te stellen. Het beroep werd daarom niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Overijssel en is openbaar.
Uitkomst: Het beroep van de werkgever wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende procesbelang.