De rechtbank Overijssel heeft op 21 november 2019 uitspraak gedaan in de zaak tegen een 41-jarige man uit Stuifzand die ontuchtige handelingen heeft gepleegd met een 16-jarige prostituee tegen betaling. Verdachte werd eerder veroordeeld voor het prostitueren van het minderjarige meisje en het vervaardigen van kinderpornografische afbeeldingen.
De rechtbank stelde vast dat verdachte op 29 juni en 7 juli 2018 seksuele handelingen met het minderjarige slachtoffer heeft verricht. Verdachte bekende het ten laste gelegde feit en er werden diverse bewijsmiddelen overgelegd, waaronder verhoren en chatonderzoek. De verdediging voerde een beroep op afwezigheid van alle schuld aan, stellende dat verdachte dacht dat het meisje meerderjarig was en dat het vragen naar een identiteitsbewijs niet gebruikelijk was.
De rechtbank verwierp dit verweer omdat het volgens haar onvoldoende was dat verdachte alleen naar de leeftijd had gevraagd en niet verder onderzoek had gedaan. De wet beschermt minderjarigen tussen 16 en 18 jaar tegen prostitutie en de leeftijd is een geobjectiveerd bestanddeel. De rechtbank hield rekening met de ernst van het feit, het blanco strafblad van verdachte en zijn spijtbetuiging, en legde een taakstraf van 150 uur en een gevangenisstraf van 1 dag op.