Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
“Je moet het ook zo zien toen ik jullie site heb gehackt, zeg maar, jullie database, heb ik ook totaal met een ander platform gedaan dan ik jullie gemaild heb. Dus de mail komt van totaal iets anders, dat komt van whonix (fon) vandaan en whonix is eigenlijk niet te traceren. Op het moment dat ik jullie gehackt heb dat is allemaal via andere servers gegaan, via TPS (fon) tot dat ik de database kon backuppen. Dat staat dus allemaal los van elkaar. Toen ik die interfacer heb gemaild etcetera. Dat mailverkeer daar komt niet eens een hack aan te pas. Onmogelijk.” [5]
“Ik heb dat ook uh, aan het eind, van de mail er ook bij vermeld(…)” [6]
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
computervredebreuk
valsheid in geschrift, meermalen gepleegd
opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod
opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro C van de Opiumwet gegeven verbod
diefstal waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
computervredebreuk
valsheid in geschrift, meermalen gepleegd
opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod
opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro C van de Opiumwet gegeven verbod
diefstal waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik
gevangenisstrafvoor de duur van
12 (twaalf) maanden;
4 (vier) maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
proeftijd van 2 (twee) jarende navolgende voorwaarden niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat verdachte:
bijzondere voorwaardendat verdachte:
verklaart verbeurdde inbeslaggenomen voorwerpen, te weten de op de aan dit vonnis gehechte beslaglijst genoemde voorwerpen onder de nummers A0301, A0507, A0703 en A0504 ;
verklaart onttrokken aan het verkeerde inbeslaggenomen voorwerpen, te weten de op de aan dit vonnis gehechte beslaglijst genoemde voorwerpen onder de nummers A505, A506, A0516, A0517, A0520, A0521, A0526, A0705, A0509, A0510, A0511, A0512, A0514, A0515, A0704 en A0518;
hefthet geschorste bevel tot voorlopige hechtenis
op.