Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
- de startdatum van de onderneming 13 november 2015 is;
- de handelsnaam van de onderneming " [medeverdachte 1] " betreft;
- Administratiekantoor [naam 2] uit Lelystad de boekhouder is van de onderneming " [medeverdachte 1] ";
- de activiteiten van " [medeverdachte 1] " bestaan uit 'de verhuur van een loods aan de BV van mijn echtgenoot. Ik heb zelf een baan van 32 uur per week bij een werkgever";
- de geschatte omzet in het startjaar € 6.000,-- betreft.
lk kan u vertellen dat [verdachte] mij telefonisch benaderd heeft, ongeveer 2 weken geleden, met de mededeling dat hij een BTW nummer wil aanvragen op naam van zijn vrouw [medeverdachte 1] . lk heb hem aangeven dat het als het een eenmanszaak wordt, in dat geval het BS nummer van zijn partner aangevuld gaat worden met 'B01'. (…) [verdachte] vertelde me dat hij een BTW nummer nodig had voor zijn vrouw omdat hij in het verleden een pand had verkocht aan de [straat 4] in Lelystad aan zijn vrouw. Zij had een pand aan de [straat 4] gekocht en zij had daarvoor een BTW nummer nodig. Daarom moest [verdachte] nu een BTW nummer hebben voor zijn vrouw [medeverdachte 1] . Mij is niet bekend dat [medeverdachte 1] een onderneming heeft. lk heb hem gezegd dat hij, [verdachte] , in dat geval een BTW nummer maar voor haar moest aanvragen. Dat zal hij dan wel gedaan hebben. lk heb dit formulier niet eerder gezien. De naam van mijn kantoor staat wel op dit formulier, maar daar wist ik niets van.”
Lening zoals telefonisch besproken";
Lening zoals telefonisch besproken”;
Lening zoals telefonisch besproken".
Terugbetaling".
saldo verkoop
2015.0457.01 [straat 3] 3 4-13 50?". [29]
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
- de duur van de gedraging,
- de mate waarin verdachte door de overtreding voordeel heeft verkregen,
- de rol van verdachte ten opzichte van medeverdachten,
- de mate waarin de gedraging heeft geleid tot marktverstoring,
- de mate waarin door de gedraging het vertrouwen in de markt is geschaad,
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
strafbaarheid feit
gevangenisstrafvoor de duur van
12 ([twaalf]) maanden;
4 ([vier]) maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien verdachte voor het einde van de
proeftijd van 3 (drie) jarende navolgende voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat verdachte: