ECLI:NL:RBOVE:2021:1015
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit kosten bestuursdwang na herroeping primaire bestuursdwangbesluit
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen de vaststelling van kosten van bestuursdwang door Gedeputeerde Staten van Overijssel. Het primaire besluit van 30 augustus 2017 stelde kosten van €295.283,- vast. Na bezwaar werd dit bedrag bij besluit van 4 februari 2020 verlaagd naar €274.658,-, maar het bezwaar werd ongegrond verklaard.
De bestuursdwang betrof de periode van 10 tot en met 21 juli 2017, waarbij op 10 juli 2017 een besluit tot bestuursdwang werd genomen. Eiser had tegen dit besluit bezwaar gemaakt. De rechtbank constateert dat door de herroeping van het besluit van 10 juli 2017 de grondslag voor de kostenvaststelling is komen te vervallen.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en herroept het primaire besluit. Tevens wordt verweerder opgedragen het betaalde griffierecht van €178,- aan eiser te vergoeden. Er zijn geen overige proceskosten toegewezen. Het vonnis is gewezen door een meervoudige kamer van de rechtbank Overijssel te Zwolle op 10 maart 2021.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het primaire besluit herroepen met vergoeding van griffierecht aan eiser.