Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
PERSPEKTIEV B.V.,
gevestigd te Kampen,
[betrokkene],
Rechtbank Overijssel
PerspektieV, een zorgverlener voor jongeren, vordert ontruiming van een kamer die gekoppeld is aan een zorg- en woonovereenkomst met [betrokkene]. De zorgovereenkomst eindigde op 1 februari 2021, waarna PerspektieV de woonovereenkomst opzegde. Omdat [betrokkene] niet vertrok, startte PerspektieV een kort geding.
De rechtbank stelt vast dat sprake is van een gemengde overeenkomst: een woonovereenkomst (huur van woonruimte) en een zorgovereenkomst (opdracht). De bepalingen over beëindiging van huur en zorg zijn onverenigbaar, waardoor moet worden beoordeeld welke bepalingen prevaleren.
De rechtbank oordeelt dat onvoldoende zekerheid bestaat dat het zorgaspect overheerst en dat daarom de huurbeschermingsregels niet van toepassing zijn. De woonovereenkomst kan in overleg worden verlengd en de feitelijke zorg was beperkt. Hierdoor acht de rechtbank het standpunt van [gedaagde] dat het woonelement overheerst niet kansloos.
Daarom wordt de vordering tot ontruiming afgewezen en wordt PerspektieV veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is gewezen door kantonrechter F.E.J. Goffin en op 14 juni 2021 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming wordt afgewezen en PerspektieV wordt veroordeeld in de proceskosten.