ECLI:NL:RBOVE:2021:3194
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning medische behandeling wegens onvoldoende BMA-advies
Eiser, een Iraakse staatsburger met ernstige psychiatrische klachten waaronder PTSS en een depressie met psychotische kenmerken, had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor het doel medische behandeling. Verweerder wees deze aanvraag af op grond van adviezen van het Bureau Medische Advisering (BMA), dat stelde dat de benodigde medicatie in Irak beschikbaar is en dat behandeling daar mogelijk is.
Eiser betwistte de juistheid van deze adviezen en overlegde een brief van het Iraakse ministerie van Volksgezondheid waaruit blijkt dat de door hem gebruikte doseringen van bepaalde medicijnen, waaronder Nortrilen (nortriptyline), niet beschikbaar zijn. Zijn psychiater bevestigde dat hij afhankelijk is van dit medicijn en dat alternatieven niet geschikt zijn. De rechtbank stelde vast dat het BMA-advies onvoldoende ingaat op de geschiktheid van alternatieve doseringen en dat het advies niet inzichtelijk en concludent is.
De rechtbank oordeelde dat verweerder het BMA-advies niet zonder meer aan het besluit had mogen ten grondslag leggen en verklaarde het beroep gegrond. Het bestreden besluit werd vernietigd en verweerder werd opgedragen een nieuw besluit te nemen met een nieuw BMA-advies. Tevens werd eiser vrijgesteld van griffierecht en werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €1.496.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd met opdracht tot een nieuw besluit.